Zoeken in deze blog

dinsdag 2 juli 2013

Niet opvallen

Hoe doe je dat, niet opvallen?
Daarover leerden we op school iets bij kennis der natuur: je camoufleert je. Je neemt een schutkleur aan, je probeert er uit te zien als een blaadje, een stukje schors, een takje.


Toda's vader moest vechten met de enen, tegen de anderen, en werd een struik. Dat valt vast niet mee voor een banketbakker, maar daaromtrent horen we niets. Toda bleef achter met oma, maar zou naar haar moeder gaan, over de grens.
Ze kende haar moeder niet. Die was weggegaan toen ze één jaar was, niet vanwege haar maar waarom wel wist ze niet.
Ze kwam er, maar niet zoals gepland en met minstens twee memorabele ontmoetingen.


Wie wil weten hoe ze er kwam, kan ik aanraden Toen mijn vader een struik werd van Joke van Leeuwen te lezen. Een prachtig verhaal voor mensen van acht tot over honderd, vooral als je van een onderkoelde stijl houdt, met subtiele humor.
Theatergroep Het Filiaal speelde de afgelopen maanden een toneelstuk op basis van dit verhaal, met dezelfde titel. Hier is nog een lokfilmpje te zien. Maar  het is bijna te laat om je te laten verleiden: 6 juli is de laatste voorstelling.
Net als in het verhaal is de hoofdpersoon verteller. Toda, gespeeld door Mirthe Klieverik, vertelt. Dat zou geruststellend kunnen zijn, immers, je weet meteen dat ze het heeft overleefd. 

Maar wat ze vertelt en zingt is allerminst geruststellend., eerder angstaanjagend. In de steek gelaten worden, vluchten, verbergen, niet opvallen, je geld kwijtraken aan een schurk van een chauffeur, je medevluchtelingen kwijtraken, je tijdelijke vluchtmaatje opgepakt zien worden, in je eentje 's nachts de grens over, een vreemde taal, een moeder zoeken die je niet kent - het is ronduit prettig dat het uiteindelijk toch een beetje goed komt.



Uiteraard hoorden we niet de letterlijke tekst van het verhaal. Om van een verhaal een toneelstuk te maken, moet je ingrepen doen. Toch is regisseur en tekstbewerker Monique Corvers er in geslaagd veel van de oorspronkelijke stijl te bewaren.  Dus ook in dit stuk horen we over de oorlog niet meer dan dat de Enen tegen de Anderen vochten, en dat is onvervalst Joke van Leeuwen, net als de schrik die Toda overviel toen ze hoorde dat ze (de vluchtelingen) uit elkaar gehaald zouden worden. Ze voelde zich even letterlijk in tweeën gescheurd. En zo meer. 

Ook haar naam: eigenlijk heette ze anders, maar haar eigen naam was te moeilijk voor de politieman die haar aan de andere kant van de grens ondervroeg, die vond de twee laatste lettergrepen genoeg naam. Toda, dus.
Een prachtige vondst, natuurlijk. Ze verliest niet alleen tijdelijk (hoopt ze) haar vader en huis, haar taal en thuis, maar ook een deel van haar naam. Pars pro toto.

Detail: ze verliest van alles, maar vindt haar moeder, die ze al verloren had...

Een bijzondere toevoeging waren de liederen, begeleid (en soms meegezongen) door Peter Sambros, op muziek van Gábor Tarján en tekst van Heleen Verburg. Emotionele accenten, hier op hun plaats als contrapunt in het bedrieglijk lichtvoetig vertelde verhaal.
Mirthe Klieverik verdient een groot compliment. Ze speelde niet alleen een heel geloofwaardige Toda, maar als het zo uitkwam even makkelijk ook nog wat andere figuren.




Decorbouwer Jan van Hoof verdient trouwens ook een compliment. Heel simpel, en niet alleen ogenschijnlijk van oud materiaal in elkaar getimmerd, maar zeer doeltreffend.


Ik was niet de enige toeschouwer die het prachtig vond. Mijn metgezellin ook, en het overige publiek vond het goed genoeg voor een staand applaus. (En nou niet zo flauw zijn om op te merken dat staande ovaties tegenwoordig wel erg vaak voorkomen. Ze zijn gelukkig nog steeds niet standaard.)
In het publiek bevonden zich ook auteur Joke van Leeuwen en haar zus Pien. Desgevraagd vond Joke dat het 'heel goed gedaan' was. Ze was positief.
De voorstelling was uitverkocht. Ik heb niet gevraagd hoe dat met voorgaande keren was (het liep vanaf 2 april), maar oorspronkelijk zou dit de laatste voorstelling zijn en een extra voorstelling (6 juli) lijkt me een teken van belangstelling.
Tot slot: een liedje uit het stuk, 'Camoufleren kun je leren'.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen