Zoeken in deze blog

donderdag 22 februari 2024

Lezingen met lichtbeelden over klassieke boeken

Dat klinkt als een ouderwetse aankondiging van een reeks lezingen van pakweg de Volksuniversiteit, en daar lijkt het boek Springlevend een beetje op. Geïllustreerde causerieën over een aantal (niet alle) klassieke kinderboeken, door enkele enthousiastelingen die met een camera op zoek zijn gegaan naar landschappelijke sporen van die kinderboeken en hun auteurs. Met de aantekening dat samensteller en mede-auteur Saskia de Bodt in de inleiding en de ondertitel meldt dat het over klassieke boeken zou gaan, niet specifiek kinderboeken: 'hoe klassieke boeken van betekenis veranderen'. Moge zo zijn, maar van de behandelde boeken waren er veel als boek voor kinderen bedoeld en de overige (waaronder bijvoorbeeld 'Bambi') zijn dat alsnog geworden of spreken een publiek van 8 tot 80 en ouder aan.

 
Nu is natuurlijk niet streng afgebakend wat klassiek is. Er zijn twijfelgevallen. Voor mij was Oncle Hansi een verrassing, maar even zoeken leerde me dat Hansi wel als klassieker beschouwd kan worden, in ieder geval in de Elzas, pardon, L'Alsace. Al was het maar omdat er een wijn naar hem is vernoemd, en ook een bier, een gîte, en een markt, enzovoort
 


Wat heet klassiek? In dit verband: dat een verhaal decennia na ontstaan nog als boek, film, plaatje of toneelstuk bestaat en niet slechts als herinnering. 
Daaraan voldoen alle in Springlevend behandelde verhalen: naast het genoemde Oncle Hansi zijn dat Pinokkio, De kleine zeemeermin, Peter Rabbit, Bambi, Max und Moritz, Heidi, Ferdinand, Huckleberry Finn, Het Kleine Huis in het Grote Bos, Nils Holgersson en De Moemins. Ik citeerde de hoofdstuktitels, op enkele uitzonderingen na genoemd naar de hoofdfiguren. In de epiloog verschijnt Astrid Lindgren nog ten tonele.


Ferdinand? Ja, The Story of Ferdinand van Munro Leaf en Robert Lawson (1936), de stier die niet wou vechten. Heeft het inderdaad tot vele vertalingen en herdrukken gebracht, in 2011 verscheen nog de 75th Anniversary Edition.
 

 
Het is wel een tikje toevallige verzameling. Hoe dat komt verklaart Saskia de Bodt in het 'Woord van dank', helemaal achterin.

De verhalen in Springlevend zijn gebaseerd op reizen die de auteurs, historicus en feminist Fia Dieteren, Scandinavist Henk van Lier en kunsthistoricus Anna Koldeweij hebben gemaakt; dat geldt ook voor mezelf en voor de altijd vrolijke, erudiete (beeld)redacteur Annemiek Overbeek, met wie ik samen dit hele project trok.

En in de inleiding staat:
 
Springlevend gaat over boeken en literatuur die door het toerisme zijn omarmd of die op een andere manier levend zijn gebleven in het huidige gedachtegoed. Al was het maar als boekpersonage.
 
En:
 
De auteurs van dit boek zijn , heel oneerbiedig ten aanzien van de Literatuur, het probleem van de ontlezing te lijf gegaan door een beetje te gaan rondreizen in Europa en de Verenigde Staten, in het echt en op papier.
 
'Boeken en literatuur', wonderlijk. Toerisme dat omarmt - dacht dat alleen mensen en sommige andere dieren dat konden. Maar dit is beeldspraak, wellicht kan toerisme zelfs wurgen.
Het is duidelijk, reizen lagen ten oorsprong aan het boek.
 


Het boek kwam voort uit cadeaus die Saskia de Bodt in 2017 kreeg bij haar afscheidscollege als bijzonder hoogleraar geschiedenis van de (boek)illustratie aan de Universiteit van Amsterdam, in de leerstoel van de Fiep Westendorp Foundation. Twee boeken vol essays, die 'maar één nadeel hadden en dat hadden de meeste auteurs direct in de gaten: oh, oh, wat had ik er graag zelf een bijdrage in gehad! Ik kon het natuurlijk niet laten om mijn antwoord dan maar in een ander boek te geven: Springlevend. Voilà!'
 
Je merkt het aan het plezier waarmee de vertogen zijn geschreven en zorgvuldig van illustraties voorzien: hier hoeft niets bewezen of onderzocht te worden, dat werk is al verricht. Het is géén op en top academische uitgave geworden, maar wel een mooie reeks geschreven causerieën waaruit je toch iets kan opsteken, met veel reistips, inclusief kaartjes. Dat er veel aandacht is voor afbeeldingen in en buiten de besproken boeken valt te begrijpen, gezien de loopbaan van Saskia de Bodt, en maakt het des te lekkerder lezen. En die ondertitel: ja, er is inderdaad aandacht voor de verandering in betekenis die aan de verhalen en/of hun hoofdfiguren is toegekend. Dat maakt de opstellen net wat meer dan louter reisverslagen.
 
 
    Huis van Beatrix Potter.
 
Jammer dat de auteurs niet de reis van Remi uit Sans famille (Alleen op de wereld) hebben overgedaan, noch de oevers van de Cherwell en Thames bij Oxford hebben bezocht, waar Alice in Wonderland ontstond, om twee van mijn favoriete klassiekers te noemen. Die miste ik echt. En Don Quijote had er ook wel bij gekund, of de Baron von Münchhausen of wellicht ook iets dichter bij huis sagen als 'Het vrouwtje van Stavoren' en 'Lange Wapper'. Lastiger na te reizen is allicht The Lord of the Rings, maar ook die had wel een plaatsje verdiend. Enzovoort.
 
Maar niet getreurd, ondanks dat is Springlevend toch een opmerkelijk en geslaagd boek geworden. Lezingen om beslist bij te wonen.


Bodt, Saskia de. Springlevend; hoe klassieke boeken van betekenis veranderen. Met bijdragen van Annemiek Overbeek, Fia Dieteren, Henk van der Liet en Anna Koldeweij. Uitgeverij Hoogland & Van Klaveren, 2023. ISBN 978 90 8967 420 3, 252 p. 

vrijdag 9 februari 2024

OKKI 70 jaar

Alom in ons taalgebied maken leesbevorderaars zich warm voor het kinderboek in het basisonderwijs, als mogelijk antwoord op de dalende leesvaardigheid en leeslust, veroorzaakt (zo vermoedt men) door het raadselachtige vak 'begrijpend lezen'. (En o ja, natuurlijk ook nog Tik Tok en zo.)

Maar naast het kinderboek bestaat er ook nog zoiets als het kindertijdschrift. De Donald Duck en derivaten natuurlijk, maar ook Bobo, Kidsweek, Wild van Freek en meer. Laten we hun aandeel in de leesbevordering vooral niet vergeten.
 


Een van die periodieken bestaat sinds 1954: Okki. Toen nog Onze Kleine Katholieke Illustratie en onder bisschoppelijk toezicht, nu ontroomsd en gewoon Okki geheten, en uitgegeven door de ambitieuze educatieve uitgeverij Blink.
 
Iedere basisschool zou voldoende budget moeten hebben om voor die uiteraard al goed voorziene schoolbibliotheek enkele abonnementen van zulke periodieken te nemen.

dinsdag 6 februari 2024

IBBY Honour List 2024

Bijna vergeten, een persbericht uit november 2023.

Iedere twee jaar geeft de International Board on Books for Young people (IBBY) de Honour List uit: een overzicht van jeugdliteratuur van hoge kwaliteit uit de bij IBBY aangesloten landensecties.

De Honour List bestaat uit de categorieën ‘Tekst’, ‘Illustraties’ en ‘Vertalingen’. De nationale secties van IBBY mogen hiervoor per categorie en taal één boek voordragen. Sinds 2018 draagt IBBY-Nederland naast een Friestalig boek in de categorie 'Tekst' ook een vertaling naar het Fries voor. Hiervoor krijgt IBBY advies van It Fryske Berneboek
 

 
Voor de IBBY Honour List 2024 heeft IBBY-Nederland de volgende titels voorgedragen:

In de categorie 'Vertalingen':

- Arjaan en Thijs van Nimwegen voor hun Nederlandse vertaling van Het meisje met de luidende stem van Abi Daré (Signatuur, 2021).
- Rymke Zijlstra voor haar Friese vertaling Lampke van Annet Schaap (Afûk, 2023).

In de categorie 'Illustraties':
 
- Octavie Wolters voor Het lied van de spreeuw (Ploegsma, 2021).

In de categorie 'Tekst':
 
- Martine Letterie voor Kinderen van ver, met illustraties van Saskia Halfmouw (Leopold, 2022).
- Tialda Hoogeveen voor Abe en de Aardichman, met illustraties van Yke Reeder (Afûk, 2022).

De auteurs, illustratoren en vertalers die zijn voorgedragen ontvangen een Honour List-diploma. Dat wordt uitgereikt op het tweejaarlijkse internationale IBBY-congres, waar de Honour List wordt gepresenteerd met een tentoonstelling en een catalogus. Het volgende congres vindt plaats op 30 augustus tot en met 1 september 2024 in Triëst, Italië. Pikant: Martine Letterie is voorzitter van IBBY Nederland. Wie namens de sectie titels voordraagt stond niet in het persbericht, noch op de website. Of winnaars de reis- en verblijfkosten naar Triëst vergoed krijgen, staat ook nergens.

Daarna reizen collecties met de geselecteerde boeken de wereld rond. Een tentoonstelling met alle boeken zal o.a. te zien zijn op de eerstvolgende internationale kinderboekenbeurs in Bologna (8-11 april 2024) en op andere boekenbeurzen wereldwijd. Ook worden de boeken opgenomen in permanente Honour List-collecties in de Internationale Jugendbibliothek in München en collecties van internationale (jeugd)bibliotheken in Zwitserland, Slovenië, Japan, Rusland en de Verenigde Staten.
 
Over de voordracht van de Belgische sectie (verdeeld over Iedereenleest en ibbybelgiumfrancophone) kon ik niets vinden.
 

zaterdag 3 februari 2024

De politie is je beste vriend

Het is niet altijd makkelijk om te weten wat 'het goede doen' is.
Staat op p. 121 van Alles wat (niet) mag, het grote boek over goed en fout van Stine Jensen en Ellie Lust.

Daar zeg je wat!
 
Wat is goed? Het is een van de moeilijkste vragen die mensen zich stellen. Er zijn zelfs lieden die zoveel minachting hebben voor mensen die het goede nastreven dat ze die met een Duits woord Gutmenschen noemen.
Op p. 121 lijkt Stine Jensen even op weg naar een poging tot antwoord, haar als publieksfilosoof (zo vindt ze zichzelf) wel toevertrouwd. Maar het blijft bij die ene zin.
In dit boek, bedoeld voor kinderen en andere lezers vanaf 9 jaar, is het antwoord heel simpel. Wat mag en niet mag, staat in de Nederlandse wet. Het goede is wat mag. Wie doet wat niet mag is stout, al staat dat woord niet in dit boek, het is verkeerd of fout. Hoe die Nederlandse wet tot stand komt, wordt niet verteld. De Belgische wet doet even niet mee.
Niet voor niets staan twee auteurs vermeld. Naast Stine Jensen, auteur van levenslessen voor jong en oud, waaronder Lieve Stine, weet jij het en Vriendschap is alles, en sinds kort weer hoogleraar, staat Ellie Lust, onze voorbeeldige politievrouw en 'tv-persoonlijkheid'. Ellie levert teksten in kadertjes als 'Uit het leven van Ellie', 'Tips van Ellie' en 'Wijze raad van Ellie'.
Haar 'wijze raad' op p. 122 benadert de utopie:
 
Het is belangrijk dat we elkaar aansporen om het goede te blijven doen. Dat kan door het tegen iemand te zeggen als die iets verkeerds doet, maar ook door een complimentje te geven als iemand juist iets goeds doet, want dat is altijd fijn om te horen. Uiteindelijk gaat het erom hoe wij mensen met elkaar omgaan. En wie weet, is er dan op een mooie dag helemaal geen politie meer nodig.

Fijn, zijn we ook van die dienders af die hun wat minder bleek uitgevallen collega wegpesten. Of die lui die aankomen in auto's zonder nummerbord en in alle vroegte de deur intrappen en mensen van hun bed lichten omdat die iets geschreven zouden hebben dat de regering niet bevalt. Of werken die niet bij de politie, Ellie?

Afgezien van een inleiding en een nawoord ('Tot slot: hoe goede doen') worden de jonge lezer negen dilemma's voorgelegd. Die worden steeds gevolgd door reacties van al dan niet verzonnen kinderen. Dan volgt een stukje uit het leven van Ellie, dan een vertoog over het dilemma en wat er in de wet staat en tot slot nog wat 'tips van Ellie'.
Op p. 36 begint bijvoorbeeld 'Smoesjes' met deze leuk gevonden tekening van illustrator Marijke Klompmaker:
 
 


Dan een verhaaltje 'van Ellie' over smoesjes die mensen gebruiken als ze worden aangehouden wegens door rood rijden e.d., met haar immer gevatte antwoorden. Dan de uitspraken van 'Fehla (11)', 'Jonas (11)', 'Amadu (9)' en 'Sara (10)'. Geen idee of ze echt bestaan, de kinderen worden niet voorgesteld, ook niet onder 'Bronnen' (p. 123).
 

 
Vervolgens een vertoog over 'Wat is liegen?', 'Is liegen altijd fout?', 'Meineed', 'Hoe weet je of iemand liegt?' en 'Verhoortechnieken van de politie', en tot slot 'Tips van Ellie'.

Naast 'Smoesjes' passeren de volgende onderwerpen de revue: 'Hamsterliefde' (over het forceren van een deur om een hamster te bevrijden), 'In het geheim filmen', 'Etherdiscipline', 'Als twee druppels water' (over wisseltrucs en over het DNA van eeneiige tweelingen, vast geïnspireerd door Stines eigen jeugd), 'Pestverdriet', Lange vingers', 'Groepsdruk' en 'Omkoping'.

Zeer onderhoudend allemaal, ook informatief, zeker voor tien- en elfjarigen, maar ook wat braaf, vooral de stukjes van tante Ellie.
 

Jensen, Stine, & Ellie Lust. Alles wat (niet) mag, het grote boek over goed en fout. Met illustraties van Marijke Klompmaker. Kluitman, 2023. ISBN 978 90 206 2286 7, 124 p.

zaterdag 20 januari 2024

Babar in het heelal

Lang geleden dat het zo typerende lettertype van de oude Babar-boekjes me onder ogen kwam. Een soort schools handschrift, rechtop en rond. Dezer dagen kwam Heelal voorbij, een documentair boek over vijftien onderwerpen die daarmee te maken hebben, in een boeiende want onbegrijpelijke volgorde: maan, zon, Poolster, Mercurius, Orion, Venus, Halley, Mars, Alioth, Jupiter, Sirius, satellieten, Acrux, Melkweg en atmosfeer.
Deze volgorde is niet die van dichtbij naar ver weg of omgekeerd, evenmin die waarin ze zich aan ons voordoen als we naar de hemel turen, ook niet alfabetisch en wordt evenmin uitgelegd in het paginagrote voorwoord (in dat Babar-achtige lettertype), dat aldus begint:

Recht boven ons hoofd bevindt zich een gigantisch venster naar het heelal. Als we 's nachts naar de hemel kijken, kunnen we een glimp opvangen van wat er zich voorbij onze planeet bevindt. Daar is niet veel voor nodig - alleen onze ogen en een beetje nieuwsgierigheid. Maar kijken we wel vaak genoeg omhoog?

Niet dus, lijkt de auteur te suggereren en ze eindigt dan ook met

Ik hoop dat dit boek je inspireert om vaker naar buiten te gaan, omhoog te kijken en te genieten.
 

 
Of het dan helpt om het boek zo wonderlijk in te richten, vraag ik me af. Hoewel de maan en de zon om te beginnen wel de meest opvallende verschijnselen aan het uitspansel zijn, dat wel. Maar om daarna over de Poolster ('Polaris') te beginnen, dan over te schakelen naar de planeet Mercurius en dan weer de 'Gordel van Orion', tja, wonderlijk, wonderlijk.
Die verschijnselen heten 'helden'. Wederom uit de inleiding:

Of ze nu helder of zwak oplichten, deze hemelobjecten zijn kosmische helden. Ze doorstaan woeste en barre omstandigheden: ze zijn bestand tegen onvoorstelbare kou, hitte en straling, wervelende gassen en supersterke krachten. Ze bestaan al miljoenen jaren en bevatten aanwijzingen voor ons bestaan en onze toekomst.
 
Nog wonderlijker. Want die hitte en straling worden juist veroorzaakt door diezelfde objecten en ze bestáán soms uit wervelende gassen. Ze zíjn die 'woeste en barre omstandigheden'.

Aan elke 'held' worden vier pagina's met wetenswaardigheden besteed. Daarmee is niets mis en leuk is dat auteur Noelia González ook mythes uit alle werelddelen opdist. Ook is haar uitleg doorgaans kernachtig en raak geformuleerd. Zoals:

De zon is de ster in het hart van ons zonnestelsel. Als de aarde ons huis is, is het zonnestelsel onze buurt, die we delen met zeven planeten, een paar dwergplaneten, manen, asteroïden, meteoroïden en kometen. Alles in het zonnestelsel draait om de zon, en die draait op haar beurt om het centrum van ons melkwegstelsel: de Melkweg.

Sla de bladzij om en... nee, helaas, nu volgt Polaris.
En ook jammer, wat de zon doet schijnen legt ze niet uit en ook niet waarom ze de zon een heldin noemt. Eigenwijze ingreep van vertaler (vertaalster) Johanna Rijnbergen? (In de oorspronkelijke Engelstalige versie zal the sun it zijn, zeker met een tweetalige auteur Spaans-Engels, zon is sol in het Spaans - en mannelijk.) (Het is wél waar dat zon in het Nederlands ooit een vrouwelijk woord was, zoals in het Duits.)
Ja, en wat asteroïdenmeteoroïden en kometen zijn heeft ze nog niet verteld. Gelukkig staat er achterin een woordenlijst om zulke termen op te zoeken.

Zo valt er nog wel het een en ander op te merken, maar dat neemt niet weg dat dit boek ondanks de vreemde indeling lezers van negen jaar en ouder nog wel iets te bieden heeft.
De illustraties van Sara Boccaccini Meadows zijn bovendien stijlvol en verduidelijkend, al miste ik hier en daar een spectaculaire foto, zoals bijvoorbeeld van het oppervlak van Mars.
Nou we het toch over Mars hebben: geinig is de voorspelling:

In de toekomst kunnen ook menselijke verkenners naar de planeet reizen.

Ha, lekker optimisme! (De auteur werkt o.a. bij NASA, zou dat er mee te maken hebben?) Laat types als Elon Musk dan alsjeblieft de eerste verkenners zijn. Of de president van Noord-Korea. Of ze ooit terugkeren zien we later wel.
 
 

González, Noelia. Heelal. Met tekeningen van Sara Boccaccini Meadows; vertaling Johanna Rijnbergen. Lemniscaat, 2023. ISBN 978 90 477 1505 4, 64 p. Oorspr.: Glow. Magic Cat Publishing, 2023.

donderdag 18 januari 2024

Rasoptimisten

'Wij worden nog wel eens weggezet als cultuurpessimisaten. Maar eigenlijk is het tegenovergestelde het geval. Wij worden gedreven door een diepe overtuiging - en hebben eveneens de ervaring - dat leerlingen en studenten zielsgraag goed willen leren lezen en openstaan voor rijke teksten.'
 
Aldus Yra van Dijk en Marie-José Klaver, auteurs van o.a. Omdat lezen loont, in Lezen 4-2023. Gelijk hebben ze. Sterker, ze zijn rasoptimisten.
Ze drijven op een stevig vlot van zelfvertrouwen, weten bijvoorbeeld van goede en slechte boeken zijn, wat literatuur en lectuur is, wat rijke en minder rijke teksten zijn en hebben een rotsvast idee van wat jeugdliteratuur vermag. Lees:

Van oudsher is de jeugdliteratuur een verkenning van wat het betekent om mens te zijn in deze wereld. Als die goede boeken niet meer gelezen worden, dan hebben kinderen nog nauwelijks een bron om te reflecteren op hoe je je kunt ontwikkelen tot een moreel handelend persoon.

Oef. Als ze dus wél gelezen worden, levert dat moreel handelende personen op. Of in ieder geval mensen die daarover nadenken. Dat is nog eens optimisme!
Geen wonder dat ze pleiten voor meer jeugdliteratuur en 'rijke teksten' in het taal- en literatuuronderwijs, zowel in het primair als het secondair onderwijs.
En Marie-José Klaver vindt zelfs dat

leesonderwijs ook een introductie moet zijn in de Nederlandstalige cultuur, in het literair erfgoed, van Vondel tot Astrid Roemer.

Rasoptimisten.
Maar gelijk hebben ze. Laptops en telefoons in de kast (vrij naar Micha Wertheim, Oudejaarsconference), en lezen, lezen en nog eens lezen, onder leiding van een inspirerende, zeer belezen docent. Dan komt het misschien nog goed.

Nog een wens?
Ja, uitgevers die Frans kunnen lezen. Of/en Duits. Zodat niet alle vertaalde (jeugd)literatuur uit het Britse of Amerikaanse Engels komt. Zie het interview, ook in Lezen 4-2023, met vertalers Els Dumez-Blocken en Lies Lavrijsen, die voor hun vertaling van Jefferson uit het Frans van Jean-Claude Mourlevat de Filter Vertaalprijs kregen.

dinsdag 16 januari 2024

Lees-app

Het was me even ontgaan: de proef-app Lees, ontworpen voor leerlingen vmbo en mbo. Meteen een account aangemaakt en ingelogd. Ik ben geen leerling, maar dat maakt de app niet uit.
 


Ik citeer uit https://www.bibliotheeknetwerk.nl/nieuws/titels-lees-app-zijn-bekend (d.d. 13 juli 2023):

Vanaf september 2023 is de nieuwe LEES-app beschikbaar met ruim 120 e-books en luisterboeken voor de doelgroep 12 tot 18 jaar. De LEES-app is primair gericht op vmbo-leerlingen en mbo-studenten en is gedurende een jaar beschikbaar. Doel van deze pilot is om een bijdrage te leveren aan leesbevordering en geletterdheid van deze jongeren. We beogen dat zij met deze gratis app makkelijker kennismaken met digitaal lezen via de bibliotheek.

De collectie van de LEES-app is gericht op jongens en meisjes in de leeftijd van 12 tot 18 jaar en specifiek voor de niveaus vmbo en mbo. In samenspraak met de doelgroep, leesconsulenten en uitgevers van deze titels is een zo relevant, divers en actueel mogelijk aanbod samengesteld. Fictie, Max Verstappen, liefde, Lubach, Lieke Mertens, spannende thrillers, bekende klassiekers; er is voor iedereen wat te vinden in de LEES-app.

Bibliotheeknetwerk.nl is natuurlijk niet voor die doelgroep, maar voor de begeleiders, de medewerkers van bibliotheken en scholen. je kunt er de titels downloaden.

Nog een citaat:

De LEES-app is een tijdelijke app, die tijdens de pilotperiode van september 2023 tot ca. september 2024 te gebruiken is. De LEES-app werkt grotendeels hetzelfde als de online Bibliotheek-app, met als grootste verschil dat er geen bibliotheeklidmaatschap nodig om gebruik te maken van deze app. De app is gratis te downloaden voor Android- en iOS-apparaten en jongeren hoeven alleen een account aan te maken met een e-mailadres en wachtwoord. Op deze manier willen we deze doelgroep een laagdrempelige toegang bieden tot een aantrekkelijke digitale collectie van circa 120 e-books en luisterboeken. De boeken zijn direct te downloaden om vervolgens te lezen of te beluisteren in de app.
 
Biebtoboeb.nl d.d. : 
De pilot LEES, de gratis app met meer dan 100 titels speciaal voor jongeren in het vmbo en mbo, is nu enkele maanden onderweg. Met succes, het aantal uitleningen staat nu op iets meer dan 38.000!
Voor een online-versie zie hier

De applicatie is ontwikkeld door de (Nederlandse) Koninklijke Bibliotheek. Helaas duurt de proef tot september 2024.
 
 
 
 

dinsdag 2 januari 2024

Aleph beth gimel

 
(Kleitablet met proto-spijkerschrift (ca. 3200 v.Chr.), Vorderasiatisches Museum, Berlijn)

Ergens, op verschillende plekken, hebben mensen ooit bedacht dat het handig is om iets te noteren. Een uitvinding die niet makkelijk over het hoofd te zien is en me mateloos fascineert.

Een artikel in NRC 6-1-2020, 'Toen de Grieken gingen schrijven', bracht me er weer over aan het denken.
Een betere titel overigens dan wat er op internet boven staat: 'Toen de Grieken het alfabet gingen gebruiken'. Want: welk alfabet? Daarover gaat nu juist dat artikel, want Willemijn Waal toonde in recente publicaties (zie hier, even bladeren) dat er niet ineens een vaststaand alfabet was maar een geleidelijke invoering met veel variaties.

Ba`alat.jpg (600×398)

  (Proto-Sinaïtisch schrift)

Het maakt aannemelijk dat er op zeker moment een wijde baaierd aan schriftsystemen was, die vermoedelijk begonnen met het Proto-Sinaïtisch schrift. Dat leidde dan weer tot het schrift van de Feniciërs, het Aramees alfabet, enzovoort.
Het heeft me steeds verrast dat het sierlijke Arabische schrift dezelfde oorsprong heeft als het Griekse en dus daarna de Romeinse en Cyrillische schriftsystemen, en dat zelfs een verder oostelijk gebruikt schrift als het Kharoshti (hieronder) uit het Aramese alfabet zou zin afgeleid, en dat zou dan weer invloed hebben gehad op het oude Gupta-schrift dat uiteindelijk mede ten oorsprong lag aan het huidige Devanagari-schrift dat in India wordt gebruikt door zo'n miljard mensen.

Loulan_kharosthi_document.jpg (1403×481)

En op de meest onverwachte plekken leer ik iets over mij to dan onbekende schriftsystemen, zoals onlangs in het boek Zes maanden in de Siberische wouden, waar sprake is van Boerjaten. Blijken die ook een eigen taal te hebben, die beurtelings in het Mongoolse schrift werd geschreven, in het Latijnse, het Cyrillische en in de 19e eeuw even in een speciaal eigen Boerjatisch alfabet. Tegenwoordig in het Cyrillische alfabet en daarmee mogen ze blij zijn, want een eigen alfabet voor minder dan een half miljoen mensen is geen feest, in praktijk moeten die er nog een schriftsysteem naast leren, zoals bijvoorbeeld de inwoners van Armenië en Georgië ook Russisch kunnen lezen.

Voor dwalen door schriftsystemen is Wikipedia een pracht-uitvinding. Niet alleen voor het overzicht,

SchriftsystemenDutch.png (2272×1402)

ook, nee juist, om door de geschiedenis van schriftsystemen te reizen.

Het is ook steeds weer een vervreemdende ervaring om door een land te reizen waarvan ik de opschriften niet kan lezen. Gelukkig waren dat tot nu toe landen waar men hier en daar ook opschriften gebruikt in voor mij leesbare talen: Marokko (Frans), Georgië, Armenië (Russisch en soms Engels), Sri Lanka, Nepal (Engels). Noopt tot bescheidenheid: ik dénk wel dat ik kan lezen, maar soms...

De geschiedenis van onze schriftsystemen vind ik echter veel interessanter! Met deze startartikelen (Schrift , Alfabet, List of writing systems en Schrijven) in Wikipedia kan een fijne, lange dwaaltocht beginnen.

Shumom-text.jpg

Wulfila bibel.jpg
 (Van links naar rechts: Maya, Bamum, Gothisch.)