Zoeken in deze blog

dinsdag 28 mei 2024

Foutje

Een inktvlekje dat tot leven komt, dat is de kern van het verhaal Foutje? Echt niet! dat in woord (Pieter Koolwijk) en vooral beeld (Linde Faas) tot ons komt in een groot formaat prentenboek.
Een onbekende verteller opent het verhaal

Oeps. Inkt gemorst. Foutje.
 

 
 
Dat vlekje neemt het verhaal over:

Ik?
Een foutje? Echt niet!
 
 
Het vlekje beeldt zich in een tor te kunnen zijn, die kan lopen, trippelen, zoemen, vliegen ('als een vogel. Hoog in de lucht') (het torretje is al iets gegroeid en lijkt op een vogeltje), zwemmen (nog meer gegroeid, lijkt op een vis met rare vinnen) en

Ik wil gewoon zijn
wat ik wil zijn.
Geen foutje.
Wel een vlek.
Een pretvlek.
 
 
 
Inmiddels al tamelijk groot, groter dan de vos op die pagina.
Een banjerbeest misschien?

Doet er ook niet toe.
Ik ben wat ik wil.

Maar een foutje?
Echt niet!

 
Al lijkt het echt-niet-foutje inmiddels wel zo groot als een berg of als het meer waarop het de laatste plaat uitkijkt.
Einde verhaal.
Of wacht, de schutbladen! Voorin feestelijke inktspetters. Achterin dezelfde spetters, maar sommige zwarte hebben oogjes, precies zoals op plaat 1 en 2. Leuk gedaan, maar toch geen deel van het verhaal.

Dat verhaal loopt eigenlijk niet af. Je moet als luisteraar-kijker-lezer zelf verzinnen hoe het met die nogal opgezwollen echt-niet-foutje-vlek verder gaat. Kan een leuk gesprekje opleveren na het voorlezen. Voor de wijsgeren onder ons is het nadenken over die wil. Vooral omdat die erg grote vlek er op de laatste platen niet zo pretvlekkig uitziet.
Het zijn mooie platen. 
 

Koolwijk, Pieter, & Linde Faas. Foutje? Echt niet! Lemniscaat, 2024. ISBN 978 90 477 1628 0, 28 p.
 

 

maandag 13 mei 2024

Bioluminescentie

Bio wat? Bioluminescentie! 16 letters, mooi voor Scrabble. Het bestaat, zoek maar op en dan meteen ook maar luminescentie. Voor die Wiki-teksten moet je goed kunnen lezen - maar dat geldt ook voor het groot-formaat-prentenboek Licht, de bijzondere wonderen van bioluminescentie. Wat inhoud betreft eerder een prentenboek voor de tafel in de wachtkamer bij de dokter, dan een die je je kleine nicht cadeau doet. Ik som nog enkele woorden op: micro-organismen, communiceren, verdedigingsstrategie, camouflage, fosforescentie, golflengte, ... Ook de zinsbouw is dusdanig dat je toch wel wat leeservaring achter de kiezen moet hebben.

Bioluminescentie wordt veroorzaakt door een chemische reactie. Om die reactie te laten plaatsvinden, zijn de juiste ingrediënten en het juiste recept nodig.

Maar de combinatie met de illustraties nodig wel uit tot lezen.


Tekst en illustraties zijn van de Britse illustrator Jennifer Smith, die ook voor medische publicaties beeld levert. Glow is haar debuut als prentenboekenmaker. Het sloeg aan, werd meteen in negen talen vertaald.
Licht is niet gloei, maar gloei is niet echt een gebruikelijk woord, gloeilicht telt twee lettergrepen en de vormgeving maakt duidelijk wat bedoeld wordt. In dit geval is Licht een adequate vertaling.
 

 
Het is zichtbaar dat tekst en beeld van één persoon komen, ze vormen een mooie eenheid. 
 

 
Het moet de opmaker heel wat hoofdbrekens hebben gekost om de vertaling (doorgaans langer dan het compacte Engels) in de pagina's te werken. (Wellicht is hier en daar ingekort.)
 
Door de uitnodigende hoofdstuktitels ('Diner in de diepzee', 'Sprookjesachtig schimmellicht', 'Wilde wezens die schijnen en schitteren', e.d.) en de prachtige illustraties zal dit koffietafelboek-achtige prentenboek toch wel geschikt zijn voor leesvaardige kinderen van een jaar of elf en ouder die in het onderwerp geïnteresseerd zijn. Het helpt dat er ook een register is. En er staan echt de meest fantastische beesten in.
 

Smith, Jennifer N.R. Licht, de bijzondere wonderen van bioluminescentie. Vertaling Steven Blaas.  Lemniscaat, 2024. ISBN 798 90 4771580 1, 40 p. 
 
 



zaterdag 11 mei 2024

Raaf glijft van de sneeuw

Zo voelt het om een vogel te zijn, roept het boek. Dat is heel wat anders dan de vraag What Is It Like to Be a Bird. Dat is de titel van een soort documentair prentenboek dat in 2021 in Engeland en nu in vertaling door Steven Blaas bij Lemniscaat verscheen.
 

Hoe is het om een vogel te zijn? We zullen het nooit weten, natuurlijk. Zelfs de raven van Otfried Preussler in Meester van de Zwarte Molen (Krabat, 1971, de vertaling van dit prachtige verhaal is nog steeds in de handel) bleven vermomde mensen, wat was ook het verhaal. 
Mensen zijn in het algemeen bedreven in het toeschrijven van menselijke eigenschappen aan dieren.
 


 
De titel in de vertaling is te stellig, maar zelfs de vraag 'Hoe is het om een vogel te zijn?' beantwoordt auteur en vogelkenner Tim Birkhead niet in dit boek. Er wordt gewoon een twintigtal vogels voorgesteld, met hun bijzondere eigenschappen. Dat gebeurt vaardig genoeg, met mooie illustraties van Catherine Rayner, hoewel ik het verhaal over de sleeënde raven (p. 28-29) wel erg sterk vond - maar eerlijk is eerlijk, ik vond bevestiging. (Zoek met termen als ravens sledge on snow.)
 
 
Je moet ongeveer de leesvaardigheid hebben van een tien- of elfjarige hebben om het boek te kunnen lezen en voor die leeftijd zou ik eerder feitelijke afbeeldingen verwachten (zoals op p. 46-47) dan die welke de presentaties opfleuren - maar ze zijn wel sterk in hun expressie en passen goed bij de tekst. Het is daardoor een mooi boek geworden.
 

Birkhead, Tim. Zo voelt het om een vogel te zijn. Illustraties Catherine Rayner, vertaling Steven  Blaas. Lemniscaat, 2023. ISBN 978 90 477 1522 1, 48 p. Oorspr.: What Is It Like to Be a Bird, 2021.
  





 

 
 
                                                                                                                     (Deze afbeelding is niet uit het boek.)

vrijdag 10 mei 2024

Dichter bij de seizoenen

Het prentenboek Dichter bij de seizoenen is in de eerste plaats een heel mooi boek en dat is te danken aan vormgever Leentje van Wirdum (Lenaleen) en illustratrice Henriette Boerendans. Het werd een echt blader- en kijkboek en daarbij zou je bijna over het hoofd zien dat er met de teksten ook iets bijzonders is.
Die zijn van Bette Westera en doorgaans levert die zeer te waarderen gedichten af. Deze keer ook - maar toch iets minder vrij, want ze moesten passen bij een seizoen en een versvorm. Dat wordt bijvoorbeeld voor april:

Vlinders die eerst rupsen waren kruipen
In de warmte van nog bleke zonnestralen
Nieuwsgierig uit hun
Coconnetjes.
Een vroege koninginnepage vliegt haar
Net ontloken leven
Tegemoet.

Vlijtige bijen vinden in
Amandelbloesem
Nectar zoet als honing.

Gras wordt groen.
Overal schilderen narcissen bermen geel.
Groot hoefblad kleurt oevers roze, en in tuinen geuren
Helderblauwe hyacinten er lustig op los.
 
Onderaan de pagina staat: acrostichon. 
Dat is 'een gedicht waarvan bepaalde, meestal de eerste, letters van iedere regel of strofe, achter elkaar gelezen zelf ook een woord of zin vormen.' (Wikipedia.)

'Een vlinder die haar net ontloken leven tegemoet vliegt?' Hm. Dacht dat ze al leefde...

Beter in mei:

In de bossen
klinkt het kloppen
van de grote
bonte specht.

die een gat gaat hakketakken
waarin zij haar eitjes legt.

Spicht, staat rechtsonder.
Spicht? Nooit van gehoord. Maar alle twaalf versvormen worden achterin beschreven: haiku, rondeel, acrostichon, spicht, pantoum, elf, tanka, kwatrijn, elftal, rondelet, ollekebolle en sonnet. Dat maakt het een bijzonder leerzaam boek, in ieder geval voor mij, en buitengewoon origineel om dat zo te doen.
 
Bij spicht hoort een plaatje van een specht, de grote bonte.
 
Mooi en treffend afgebeeld. Dat geldt voor alle bijdragen van Henriette Boerendans. Daarbij vormen twee tegenover elkaar opengeslagen bladzijden steeds een eenheid in kleur en sfeer.
Zie die spicht / specht boven, maar bijvoorbeeld ook de combi van januari:
 
 

Links een rotgans, rechts boven het stapelvers twee brandganzen. Brandganzen sieren overigens ook de schutbladen en de herfst. Henriette Boerendans weet welke vogels en andere dieren ze afbeeldt.

Neem de winter:





Kijk, dat maakt dit naast een leerzaam ook een mooi boek. Zoals ik al schreef.

 
 
Westera, Bette, & Henriette Boerendans. Dichter bij de seizoenen. Gottmer, 2024. ISBN 798 90 257 7836 1, 48 p.


maandag 22 april 2024

Ambassadeur voor het kinderboek

Een persbericht van Stichting Lezen, ik citeer:

Rian Visser is de nieuwe Kinderboekenambassadeur van Nederland. Zij zal zich de komende twee jaar inzetten voor meer leesplezier bij kinderen en de promotie van kinder- en jeugdboeken. Op 17 april, tijdens Lezen Centraal, het jaarlijks congres van Stichting Lezen in het Beatrixtheater in Utrecht is Rian Visser officieel benoemd tot Kinderboekenambassadeur. Zij volgt illustrator Martijn van der Linden op.
 
Sinds 2013 heeft Nederland een Kinderboekenambassadeur, geïnspireerd op het Britse Children’s Laureate, dat inmiddels in meer dan tien landen bestaat. De Kinderboekenambassadeur vraagt aandacht voor kinderboeken in binnen- en buitenland en benadrukt dat (voor)lezen een groot verschil kan maken in het leven van jonge mensen. Rian Visser is de zevende Kinderboekenambassadeur van Nederland. Eerder waren dat Jacques Vriens, Jan Paul Schutten, Monique en Hans Hagen, Manon Sikkel en Martijn van der Linden. De Kinderboekenambassadeur wordt voor twee jaar aangesteld door Stichting Lezen en het Nederlands Letterenfonds, in samenwerking met de Schrijverscentrale en Stichting CPNB.

Het verschil tussen kinder- en jeugdboeken is mistig, want strekt de jeugd zich niet uit van 0 tot 20? En zo niet, waarom is het dan niet Kinder- en Jeugdboekenambassadeur? Het Britse Children’s Laureate is inmiddels Waterstone's Children’s Laureate, dus als de inspiratie wordt doorgetrokken wordt het  binnenkort Libris' Kinderboekenambassadeur. Wie weet. 
Hoezo vraagt de Nederlandse Kinderboekenambassadeur aandacht voor kinderboeken in het buitenland? Of wordt hier bedoeld dat ze aandacht vraagt voor het Nederlandse kinderboek in binnen- en buitenland? Hopelijk gaat ze vooral de boer op als ambassadeur van het kinderboek in het algemeen.
 


Rian Visser is een ijverige en actieve auteur, die graag aan de weg timmert en ervaring heeft in het geven van lezingen. Wat dat betreft is ze een goede keuze. Dat haar werk goeddeels behoort tot de categorie niets-mis-mee-maar-ook-niet-verrassend hoeft geen beletsel te zijn en in ieder geval is in 2022 een boek van haar (Alle wensen van de wereld) met een Zilveren Griffel en de Gouden Poëziemedaille bekroond.

donderdag 18 april 2024

Nog maar weer eens: het gaat niet goed met het leesonderwijs

In de herhaling: het gaat niet goed met het leesonderwijs in Nederland.
Deze keer naar aanleiding van het rapport De staat van het onderwijs 2024 van de (Nederlandse) Inspectie van het Onderwijs. Er kwam een persbericht voorbij van Stichting Lezen:

Het leesonderwijs in Nederland is op dit moment onvoldoende effectief. De Onderwijsinspectie constateert dat de verschillen tussen scholen groeien. De ene school slaagt erin alle leerlingen het streefniveau voor taal en rekenen te laten halen, terwijl dit op de andere school bij minder dan de helft lukt. De inspectie ziet genoeg positieve praktijken en voorbeelden, maar scholen nemen deze te weinig van elkaar over. Het potentieel waarbij de minder presterende scholen leren van de voorlopers, blijft hierdoor onbenut.
 
Stelselmatig samenwerken aan een rijke leesomgeving
Veel Nederlandse leerlingen hebben vooral moeite met de hogere leesvaardigheidsniveaus, zoals het integreren van de tekst met hun eigen achtergrondkennis. Het organiseren van leesonderwijs rond thema's uit de zaakvakken, zoals wereldoriëntatie en wetenschap en techniek, en het gebruiken van rijke teksten, kan hier verandering in brengen.

Natuurlijk voegt Stichting Lezen er haar eigen ding aan toe.

Gerlien van Dalen, directeur-bestuurder Stichting Lezen en voorzitter van de Leescoalitie: “We zien dat er in het onderwijs steeds meer behoefte is aan een effectieve aanpak. We zetten in op het verspreiden van onze kennis hierover, bijvoorbeeld via lezeninhetpo.nl en vandaag op ons landelijke congres Lezen Centraal, volledig in het teken van effectief leesonderwijs. En we ontwikkelen samen met Education Lab en Hogeschool Windesheim de Bibliotheek op school plus, een interventie voor geïntegreerd lees- en zaakvakonderwijs met veel aandacht voor leesbevordering. We streven ernaar de daling in leesvaardigheid op termijn zo weer om te kunnen buigen in een stijging.”

Effectief leesonderwijs en de Bibliotheek op school
Om de basisvaardigheden te verbeteren investeert het ministerie van OCW via het Masterplan basisvaardigheden in het onderwijs en in een rijke leesomgeving. Stichting Lezen kan in samenwerking met lokale bibliotheken BoekStart en de Bibliotheek op school flink uitbreiden. Daarmee krijgen kinderopvanginstellingen en scholen in alle leeftijdsgroepen expertise en een actueel en breed boekenaanbod vanuit de bibliotheek. De Bibliotheek op school plus, waaraan honderd basisscholen met een achterstandsscore gaan meedoen, komt ook vanuit deze Impulsregeling.

Voorts kan gemeld worden dat er bij Coutinho in 2025 een handboek verschijnt voor pabo-studenten en belangstellende leerkrachten, waarvan de werktitel luidt: De wereld in boeken, leesbevordering in de klas, van Erna van Koeven, Femke Ganzeman en ondergetekende. Een krachtig pleidooi met praktische tips om kinderboeken in te zetten bij het leesonderwijs.
 
En juist dezer dagen verscheen er een video van NOS over twee scholen die elkaar helpen met beter leesonderwijs - o.a. aan de hand van jeugdliteratuur. Zie hier.

woensdag 17 april 2024

Heel gewoon

Wat een lief verhaaltje. Van alle honden in asiel, pardon Hondenhotel De Hondenbrok blijft het gewoonste hondje over. Binkie, heet hij. Niemand wil hem. Een schrikbeeld doemt op: de baas gaat met pensioen en De Hondenbrok wordt een kattenasiel, De Kattenbak ('Huis van Bewaring voor krabbende katers'). Maar op het allerlaatst, de verhuizers halen het Hondenhotel al leeg, komt er een heel gewone 'meneer' langs. En die wil hem.
Dit simpel maar soepel en heel voorleesbaar verteld, uit de koker van Bette Westera, en voorzien van mooie, karikaturale en expressieve tekeningen van Barbara de Wolf. Vooral die zich over twee bladzijden uitstrekkende zwarte nachtmerrie met valse ogen en kattennagels is prachtig.
Zelfs al houd je niet van dat huisdierengedoe met honden en katten, dit is echt een prachtprentenboek.
 

Westera, Bette, en Barbara de Wolf. Een heel gewoon hondje. Gottmer, 2024. ISBN 978 90 257 7888 0, 36 p.

zaterdag 6 april 2024

Woutertje Pieterse Prijs 2024 voor Tjibbe Veldkamp en Mark Janssen

 

Tjibbe Veldkamp en Mark Janssen zijn de winnaars van de 37e Woutertje Pieterse Prijs voor het mooiste oorspronkelijk Nederlandstalige kinderboek van het afgelopen jaar. Zij ontvingen de prijs voor het boek De jongen die van de wereld hield (Querido). Aan de prijs is een bedrag van €15.000,- verbonden. 

 
 
 
Dit werd zaterdagmorgen 6 april bekendgemaakt door juryvoorzitter Rik van de Westelaken in De kindertaalstaat op NPO Radio 1. 
 
Frits Spits presenteerde deze speciale editie van zijn KRO-NCRV-programma De taalstaat live vanuit het Kinderboekenmuseum in Den Haag, samen met Joep (12) en Danishka (16). Zie hier voor het juryrapport.
 


 
De uitzending liep geroutineerd maar toch levendig. Allereerste gast aan tafel was Merel van Vroonhoven, die een lans brak voor (meer) lezen op school. Hopelijk hebben veel mensen dat gehoord. Vooraf sprak ik nog een leesmoeder die teleurgesteld is vertrokken van een school omdat de nieuwe directie vond dat leren lezen zo ongeveer overbodig is...
 
Daarna schoven alle genomineerde auteurs en illustratoren aan: Anna Woltz, Tjibbe Veldkamp en Mark Janssen, Matthijs Meeuwsen en Paco Vink, Marco Kunst en Jeska Verstegen, Marieke Smithuis (Jeska bleef zitten) en Mathilde Stein en Jan Jutte. Zie hier voor meer info over hen. En hier voor een bespreking in dit blog van Een slijmzoen voor je oma van Matthijs Meeuwsen en Paco Vink. 
Vragen (vooral medepresentatrice Danisha toonde zich origineel en wel bespraakt), stukje voorlezen, muziek, volgende.
Het Roverslied van Woutertje Pieterse, deze keer gezongen door Toverberg, alias Lars Kroon. Geen hoogtepunt.
En ten slotte de bekendmaking. Dit jaar bestond de jury uit Rik van de Westelaken (voorzitter), Susan de Loor, Jürgen Peeters, Charlene Schmeltz en Annemarie Terhell.

 

vrijdag 5 april 2024

Toffe verteller

Eerst belandde Een slijmzoen voor je oma na wat bladeren op het stapeltje later-eens-bekijken. 
Want wat deed die vertelstijl hijgerig aan, meteen op de eerste bladzijden, onder 'Even vooraf'. Alsof er zo'n supertoffe, net wat te joviale meester op de rand van zijn tafeltje zo enthousiast zit te vertellen dat het spuug over je heen komt.
 
Waarschijnlijk is dit nieuw voor je, maar jij woont niet op de Aarde. Ja, we doen wel alsof, omdat er ooit mensen waren die onze planeet zo hebben genoemd. Maar die mensen hadden zand in hun ogen. Slaat helemaal nergens op. Vraag maar aan astronauten, die kunnen het weten. Of makkelijker, pak er een wereldbol bij en bekijk hem eens tussen je oogharen door. Blauw ding eigenlijk, hè? Knalblauw. Van het totale aardoppervlak is meer dan 70 procent bedekt door zee. Aarde? Laat me niet lachen. De planeet Water, daar woon je op.  
 
En zo verder.
 

 
Maar enkele dagen later pakte ik het toch weer op, want de afbeeldingen zijn wel bijzonder. Duidelijk, informatief en tegelijk mooi. En nog rustig ook, net wat deze opgewonden verteller nodig heeft. 
 

 
Zonder dit werk van Paco Vink zou de door Mathijs Meeuwsen geschapen verteller zowat verdrinken in zijn woorden.
Niet dat ze onjuist zijn, maar die toon...

Al die onzichtbare beestjes en plantjes zorgen voor de lucht in onze longen en voor de vissticks in onze supermarkt. Maar ook voor de stenen in onze stoep, gewoon door na hun leven net zo lang op de zeebodem te blijven liggen tot ze kiezelhard in elkaar zijn gedrukt. Lasten we ze nog langer liggen, dan worden ze zelfs samengeperst tot de olie voor onze auto's. Niemand die het ziet. Niemand die een standbeeld voor ze boetseert, een medaille aan ze uitreikt of ze bejubelt in een lied. Zelfs een fatsoenlijke naam is blijkbaar te veel gevraagd.

Maar kan er dan alsjeblieft een bedankje vanaf?

Het gaat hier over plankton.
Natuurlijk is het terecht dat plankton wordt gerekend tot 'de tofste zeedieren die niemand kent', en sowieso is de keuze geweldig: pistoolgarnaal, zeeslang, zeevonk, lamantijn, blobvis, venusschelp, dekenoctopus, Portugees oorlogsschip, slijmprik, warana, zeekomkommer, klapmuts, spons, klimvis, grootbekaal, koekjessnijder, hemelkijker, yetikrab, kerstboomworm, poetsvis, maanvis, blaadjesschaap, kaakvis, zeepaardje, vliegende inktvis, ijswalvis, pissebed, nautilus, kegelslak, zeekoet, gladde handvis, papegaaivis, Groenlandse haai en de onsterfelijke kwal komen naast het plankton langs, voorwaar een bonte stoet.
Als je amechtig achteroverhangt, moegebeukt door Meeuwsens verteller, heb je behalve met die stoet ook kennisgemaakt met koraal en andere onderzeese natuurverschijnselen en wie weet enig ontzag gekregen voor de vormenrijkdom onder water. Inclusief de blobvis hieronder, in gevangen en vrije staat.
 
 
 
 


De slijmzoen in de titel komt overigens van de slijmprik, die volgens wetenschappers, zegt de verteller, een beetje lijkt op de voorouder van alle gewervelde dieren, 'die oer-oer-oeroude oeroma'. Verder tooit de dekenoctopus de voorkant en samen lijkt het net alsof die een slijmzoen geeft, maar dat is dus een vergissing.
 

Meeuwsen, Matthijs. Een slijmzoen voor je oma, de tofste zeedieren die niemand kent. Met illustraties van Paco Vink. Querido, 2023. ISBN 978 90 451 2816 0, 158 p.

donderdag 4 april 2024

Slecht nieuws over en voor scholen

Een persbericht van Stichting Lezen (NL):
 
Het aantal mediatheken in het voortgezet onderwijs daalt. Waren er in 2019 nog 561 mediatheken, in 2022 waren dat er 427. En driekwart van de mediathecarissen is niet of beperkt opgeleid voor hun functie. Volgens Stichting Lezen en KB, nationale bibliotheek zijn mediatheek en leesomgeving essentieel voor het ondersteunen van goed leesonderwijs. Zij roepen onderwijs en lokale bibliotheken op om de beschikbare gelden uit het Masterplan basisvaardigheden te investeren in expertise en goede mediatheken.

Zo kan die gewaardeerde stichting acties lanceren bij de vleet, maar zonder deze op zich toch niet moeilijk te realiseren basisvoorziening wordt het niks met de bevordering van het lezen in het Nederlands voortgezet onderwijs. Het lijkt erop dat schoolbesturen er geen belang aan hechten, en dan helpt een oproep als die van Gerlien van Dalen, 'directeur-bestuurder van Stichting Lezen', geen moer.
Ik citeer die hier, want gelijk heeft ze wel:
 
“Om het leesonderwijs optimaal te kunnen ondersteunen, is een goede leesomgeving en daarmee ook de aanwezigheid van een schoolmediatheek essentieel,” zegt Gerlien van Dalen, directeur-bestuurder van Stichting Lezen. “KB, nationale bibliotheek en Stichting Lezen zijn blij dat het demissionaire kabinet met het Masterplan basisvaardigheden zo fors investeert in de Bibliotheek op school. Met deze Impulsregeling kunnen scholen de komende drie jaar in samenwerking met lokale bibliotheken 515 mediatheken openen op locaties voor het praktijkonderwijs en het vmbo, waar mediatheken doorgaans ontbreken. We roepen schooldirecteuren en -besturen die niet van de Impulsregeling gebruik kunnen maken ook op om te investeren in een volwaardige mediatheek op iedere middelbare school.”

Wie weet. Komende regering heeft ze alvast niet mee, hoogstwaarschijnlijk. Die houdt niet van geïnformeerde mensen.