Zoeken in deze blog

woensdag 8 januari 2020

Aan de zijlijn

heet de brochure die Stichting Geschiedenis Kinder- en Jeugdliteratuur haar begunstigers begin 2020 toezond. Een sympathieke geste, zeker als je in aanmerking neemt dat in de begeleidende brief werd meegedeeld dat er om financiële redenen voortaan maar twee nieuwsbrieven per jaar (i.p.v. drie) zullen verschijnen, terwijl de jaarlijkse minimumbijdrage op gelijke hoogte blijft (€ 30,-).

Die brochure werd geschreven door een oude rot in het vak, Jant van der Weg en bevat 'drie portretten van Friese kinderboekschrijfsters uit de negentiende en de twintigste eeuw': Frederike fan Hallum, Nynke van Hichtum en Taatske Hellinga-Zwart.
Uit de laatste alinea (in 'Slot', na die portretten) blijkt hoezeer de auteur is verknocht aan de Friese taal:

Bij alle drie hier voorgestelde auteurs zien we nauwelijks verbinding met de Friese Beweging, die in de tijd dat deze auteurs met hun werk kwamen, wel een belangrijke rol rond de Friese literatuur speelde. Hoewel ze weinig Friestalig materiaal hebben geleverd, hebben ze alle drie toch hun voetafdrukken in de kinder- en jeugdliteratuur, ook in de Friese, achter gelaten.
Daarbij is opvallend dat de eerste, Frederike, vanuit haar eigen Nederlandse situatie in het Fries duikt, terwijl Sjoukje en Taatske vanuit het Fries van hun jeugd voor een groot deel overstappen naar het Nederlands, maar het Fries als literaire taal toch niet vergeten. Wel blijven ze alle drie enigszins aan de zijlijn van de Friese kinderliteratuur staan.

Uit de portretten maar ook de 'Inleiding' blijkt dat de Friese (jeugd)literatuur sowieso wat in de zijlijn staat van de Nederlandstalige literatuur en dat is geen wonder. Immers, er zijn veel minder Friestaligen dan Nederlandstaligen (pakweg 1 op 50), Friesland is een provincie van Nederland en het Fries lijkt bovendien ook nog op het Nederlands en werd tot in de 19e eeuw als een boers dialect beschouwd, getuige ook dit door Jant aangehaalde citaat uit de Almanak voor het Lager Onderwijs en de Opvoeding vooral in Vriesland (1816):

... aan alle onderwijzers ten plattelande, moet ik eenen anderen en allernoodzakelijksten raad geven, namelijk deze: om toch vooral in de scholen het vriesch boersch niet te gedogen.

Als de Friese Beweging, die zoals veel nationalistische stromingen in de 19e eeuw ontstond, zich niet danig had geroerd, waren er wellicht nooit Friese boeken verschenen. Maar dat deed de beweging dus wél, en het gevolg is dat er tot op heden nog een gestage stroom Friese jeugdliteratuur verschijnt en er instituten bestaan als de Fryske Akademie. En dat er altijd een sterke band is geweest tussen onderwijs en jeugdliteratuur: veel Friese kinderboeken verschijnen bij de Afûk en dat was ooit de afkorting van Algemiene Fryske Underrjochts Kommisje (underrjocht = onderwijs). Het Fries
kreeg in 1956 in Friesland de status van officiële taal naast het Nederlands.
Jant van der Weg heeft zich er zelf zeer voor ingespannen de Friese jeugdliteratuur onder de aandacht te brengen en bijvoorbeeld teweeggebracht dat er jaarlijks een selectie gaat naar de Internationale Jugendbibliothek, met o.a. als gevolg dat er altijd een categorie Friese jeugdliteratuur is in de White Ravens die jaarlijks worden gepresenteerd tijdens de invloedrijke internationale kinderboekenbeurs in Bologna.

Aan de zijlijn is nummer 19 in de reeks De Waare Rijkdom, 'bestemd voor vrienden en relaties van de Stichting Geschiedenis van de Kinder- en Jeugdliteratuur'.
De titel van de reeks is ontleend aan het gedichtje 'De waare rijkdom' van Hieronymus van Alphen uit zijn bundel Proeve van Kleine Gedichten voor Kinderen (Utrecht: Terveen 1778):

Geen geld bekore ons jong gemoed,
Maar heiligheid en deugd.
De wijsheid is het noodigst goed;
het sieraad van de jeugd.


Wat is toch rijkdom? wat is eer?
Een handvol nietig slijk.
Gods vriend te wezen is veel meer;
Die Jesus lieft, is rijk.

Komt vallen we onzen God te voet
Om deugd en heiligheid:
Zo wordt op aarde ons jong gemoed
Ten hemel voorbereid.

Dan krijgen wij dien besten schat,
Die nimmermeer vergaat.
Dan loopen wij op het deugdenpad,
En schrikken van het kwaad.




Weg, Jant van der. Aan de zijlijn. Stichting Geschiedenis van de Kinder- en Jeugdliteratuur, 2020. ISBN 978 90 8181 987 9, 60 p. De waare rijkdom nr. 19.

maandag 6 januari 2020

Voorlichting over hacken

Dat ik nog nooit had gehoord van Maria Genova komt vast doordat ik me nog nooit diepgaand met het verschijnsel hacken had bezig gehouden. Het verschijnsel was me bekend uit krantenartikelen en bijdragen in tijdschriften als ComputerTotaal en ComputerIdee, maar daarmee hield het op.
Aan Maria Genova ligt het vast niet, want die timmert flink aan de weg en vermeldt trots dat ze maandelijks lezingen houdt over hacken. Ze had er al eens over gepubliceerd: Komt een vrouw bij de h@cker (Just Publishers, 2014). Werd naar eigen zeggen 'een hit in het bedrijfsleven'. De titel is een schaamteloze verwijzing naar een bekende roman van Kluun.

Als ik het goed begrijp is What the h@ck! eigenlijk een bewerking van dat boek, bedoeld voor jongere lezers. En What the h@ck! lag eind 2019 in mijn postbus, want ik had het aangevraagd wegens het onderwerp. Zoveel verschijnt er immers niet over hacken en computerbeveiliging voor jonge lezers en dat is jammer, want juist jongeren bewegen zich intensief in de virtuele wereld, met name Instagram en Youtube en ook nog steeds Facebook. En dat doen ze met doorgaans slecht beveiligde telefoontjes en laptops.

What the h@ck! is verdeeld in twee in omvang ongeveer gelijke delen: een verhaal en een vertoog. Ze had het bij dat laatste kunnen houden: een reeks uitstekende tips om veiliger online te gaan, begrijpelijk voor lezers van tien jaar en ouder. Niets mis mee.
Maar waarschijnlijk dacht Maria Genova dat je jongeren beter kan bereiken door er een verhaal aan te koppelen. Dat verhaal zal nooit een literaire prijs winnen, is nogal voorspelbaar en bevat de nodige vertelcliché's met als stilistisch uitglijertje 'Als André naar zijn gevoel luistert' (p. 27), maar niettemin zal het minder ervaren jonge lezers wellicht pakken.
André's laptop wordt gehackt en hij is daarover zo boos dat hij een vlog wil maken om te waarschuwen. O ironie, een boek met een verhaal waarin de hoofdpersoon geen boek wil maken maar een vlog. Er zijn nog wat extra verwikkelingen, zoals een meisje op wie hij verliefd is (Sanne), een pestkop in de klas, de vervelende gevolgen van het gehackt worden, maar het loopt goed af, de hacker wordt opgepakt en André start zijn vlog en verzint ook nog een spel om jongeren wat bij te brengen over de gevaren van onvoldoende beveiliging.

De naam André komt terug in deel 2, en dat spel is metterdaad te vinden op internet: Hackshield. Waarmee een interessante brug tussen fictie en werkelijkheid is geschapen. Je moet je overigens wel registreren om het te spelen...Dit spel won een prijs in de Computable Award.




Aan het eind van het vertoog wordt bovendien verwezen naar de website Whatthehackonline, startend met een afbeelding van het boek. Daar is een nuttige quiz te vinden. (Meteen gedaan natuurlijk. Resultaat viel mee.)
Kortom: als verhaal nauwelijks het vermelden waard, maar als initiatief om jongeren (en hun ouders) iets bij te brengen over cyberveiligheid wel.



Genova, Maria. What the h@ck! Kluitman, 2019. ISBN 978 90 206 2244 7. 128 p




zondag 5 januari 2020

Lees nog eens voor, opa!

Op 7 december schreef ik een bijdrage over de reacties op het PISA-onderzoek dat zulke teleurstellende resultaten presenteerde over leesvaardigheid in Nederland.
Stichting Lezen kondigde toen al aan dat er onder meer een actie zou komen om grootouders (!) tot voorlezen aan te zetten.

Die is nu van start gegaan, tijdens de kerstvakantie. Zie Leesvoort!,: 'met deze campagne roept de Leescoalitie alle grootouders van Nederland op om in actie te komen voor het in stand houden van de leescultuur'.
Dat is de bekende druppel op de gloeiende plaat - maar het kan uiteraard geen enkel kwaad, behalve als het hierbij blijft.

Ik citeer uit het persbericht:

' Er zijn zo’n 3,4 miljoen opa’s en oma’s in Nederland, waarvan 76 procent met kleinkinderen onder de twaalf jaar. Een groot deel van hen brengt regelmatig tijd met ze door. Een derde van de grootouders heeft een vast oppasmoment met zijn kleinkind en meer dan de helft ziet zijn kleinkind tenminste een keer per week. De Leescoalitie roept grootouders op om tijdens deze momenten vaker voor te lezen. Ook kunnen zij hun kleinkind stimuleren zelf te lezen of met ze naar de boekhandel of bibliotheek gaan. Veel grootouders zien hier het belang van in, maar doen dit nog (te) weinig. Dat blijkt uit onderzoek dat GfK uitvoerde voor de Leescoalitie.
Een team van bekende grootouders, onder wie Janny van der Heijden en Frits Barend, geeft vanaf februari 2020 het goede voorbeeld tijdens diverse evenementen en media-optredens. Het volledige ambassadeursteam van de campagne ‘Lees voort!’ wordt bekendgemaakt tijdens de aftrap medio februari. Ook wordt dan bekend welke activiteiten er op stapel staan. Er komt in ieder geval een gids met boekentips voor grootouders. Uit het onderzoek blijkt namelijk eveneens dat veel grootouders nog steeds voorlezen uit hun eigen boeken van vroeger. '

Nu de ouders nog...

donderdag 26 december 2019

De zee van meneer Max

Uit 2018 al dateert dit mooie prentenboek van Annette Fienieg & Koos Meinderts, De zee van meneer Max. Het is er een uit de nu twintig delen tellende reeks kunstprentenboeken die uitgeverij Leopold publiceerde in samenwerking met wat toen nog het Gemeentemuseum Den Haag heette. (Inmiddels Kunstmuseum Den Haag.)
Er was een tentoonstelling van werk van Max Liebermann (1847-1935), vandaar. Die schilder hield van water en liet zich o.a. inspireren door de Noordzee, eind 19e eeuw en begin 20e eeuw.

(Max Liebermann in Katwijk)

Dat gegeven namen illustratrice Annette Fienieg en auteur Koos Meinderts als uitgangspunt voor hun verhaal over 'meneer Max', die naar Nederland komt om te schilderen en een portret wil maken van het weesmeisje Martha.



Het vervolg is bijna voorspelbaar: meneer Max gaat met enkele weesmeisjes in een kar naar het strand. Hij maakt schetsen terwijl de meisjes zich vermaken. Ja, ze kerken ook weer braaf terug. Martha droomt van zee en strand, meneer Max schrijft een brief naar zijn vrouw.

Lief verhaal, geen top maar wel mooi. Jammer dat er geen tijdsaanduiding in staat: die weesmeisjes zien er toch duidelijk anders uit dan tegenwoordig, dus dat roept vragen op. Ook bevat het boek geen enkele weergave van een schilderij van Liebermann. Iets als dit...



... had er toch in gekund. Maar Annette Fienieg maakte een geheel eigen 'schilderij':



 Tja. Niet gek getroffen, maar geen Liebermann.



Fienieg, Annette & Koos Meinderts. De zee van meneer Max. Leopold / Gemeentemuseum, 2018. ISBN 978 90 258 7458 2.

donderdag 19 december 2019

Lezen!

Er ligt weer een laatste nummer van Lezen op het stapeltje (2019-4). Kennelijk roept zo'n laatste nummer de neiging bij me op om er iets over te schrijven, want in 2017 en 2018 gebeurde dat ook.
Lezen zou eigenlijk Lezen! moeten heten, met een uitroepteken, als een dwingend advies. Als iets Lezen kenmerkt is het wel de voortdurende benadrukking van de heilzaamheid van lezen.
Dat is natuurlijk geen wonder, want Lezen is het kwartaalperiodiek van Stichting Lezen (NL) en directeur en hoofdredacteur Gerlien van Dalen voorziet ieder nummer van een redactioneel.
Er was overigens ooit ook een Belgische (Vlaamse) Stichting Lezen, maar die heeft haar naam verandert en heet al geruime tijd Iedereen leest, een prachtige wishful thinking naam. Was het maar zo...

Zelfs als Gerlien van Dalen eens niet de noodklok luidt en zich beperkt tot de introductie van het nummer, sluipt er toch vaak nog iets verkonderigs in, zo ook in 2019-4:

Lezen is leuk, ontspant, en stimuleert mijn verbeelding, om maar eens te benoemen waarom ik zelf lezen zo waardeer. Onze nieuwe brochure Lezen loont (te vinden op lezen.nl) laat zien waarom lezen nog meer loont, zeker ook voor kinderen en jongeren. Stimuleer de kinderen in uw omgeving dus vooral om in de kerstvakantie lekker een boek (of meer) te lezen, lees ze voor en lees vooral ook zelf, om uw eigen, persoonlijke redenen. Fijne feestdagen!

Ja Gerlien, zeker en insgelijks.
Haar welgemeende advies toont iets van het wat hybride karakter van Lezen. Het is tegelijk informatief en propagandistisch bedoeld, en ruim driekwart, misschien wel vier vijfde, van de inhoud gaat over literatuur voor 'kinderen en jongeren', maar de rest over literatuur voor volwassenen. Het is net niet beschouwend genoeg en te breed voor een vakblad, maar veel informatiever dan een folder.
Het redactieteam (naast Gerlien van Dalen Daan Beeke, Eva Gerrits, Mirjam Noorduijn, Annemarie Terhell en Desirée van der Zander, van wie Daan en Désirée ook medewerkers van Stichting Lezen zijn) doet zijn best om er een leesbaar periodiek van te maken en dat levert altijd wel lezenswaardige interviews en artikelen op, zonder dat ik de neiging krijg om ieder nummer apart te bespreken.
De nummers zijn overigens ook online te lezen, zie hier bijvoorbeeld dit laatste nummer.

Eigenaardig is dat er betrekkelijk weinig praktische tips in staan. Die biedt Stichting Lezen overigens best, maar dan online, zie ook het portaal Leesbevordering in de praktijk en een door de stichting opgezette websites als Boekstart en Leesplan. In Lezen mis ik een praktisch katern zoals Boekidee dat was in het vaktijdschrift Leesgoed.

Neem een artikel als 'Geef liefde voor lezen door!' van Mirjam Noorduijn in Lezen 2019-4: een enthousiast vertoog over hoe fijn het kan zijn als grootouders voorlezen, met een vermelding van het project dat de Leescoalitie binnenkort terzake start (tip: voorzie de site van een certificaat, wordt nu als 'niet beveiligd' gemeld), maar geen vervolgartikel met voorleestips.
Of neem een interview als dat met Humberto Tan (door Eva Gerrits) over 'zijn' kinderboek (Pirouette in Paramaribo). Best leuk, maar wat kán je dan met zo'n boek op school? En hoort Tan tot de auteurs die je via de Schrijverscentrale kan uitnodigen op school of in de bibliotheek? Dan heb ik het nog niet over een grondige bespreking van zijn boek, die een echt vaktijdschrift zeker had geplaatst.

Zo zijn er meer kanttekeningen te plaatsen bij Lezen. Dat laat onverlet dat het momenteel het enige tijdschrift is dat de aandacht vestigt op recent verschenen jeugdliteratuur en daarom alleen al lof verdient, zoals ook Stichting Lezen lof verdient voor haar inspanningen.



woensdag 18 december 2019

Dikkie Dik 40 (pardon 41) jaar



Ruim een jaar te laat om alsnog de nu 41-jarige niet zo kat-achtige kat Dikkie Dik te feliciteren met zijn 40e verjaardag. De auteur, Jet Boeke, is dertig jaar ouder. De rode kater (ver neefje van die van Jan, Jans en de kinderen?) verscheen in voor het eerst in 1978 in het tv-programma Sesamstraat, dat onlangs van de buis verdween, nadat enkele jaren alleen herhalingen werden uitgezonden...
Eigenlijk is de kat ouder, want het personage Dikkie Dik was geënt op de kat Dikkie Dik van Jet Boeke. Ik neem aan dat het personage de levende kat ruimschoots heeft overleefd.

Er verschenen in 2018 allerlei jubileum-uitgaven, waaronder bijvoorbeeld Dikkie Dik lente-zomer-herfst-winter, dat al ruim een jaar verbleef onderop een stapeltje nog te bespreken boeken, maar ook Het dikke verjaardagsboek van Dikkie Dik.

Er zijn in de loop van die vier decennia heel veel boeken verschenen met de kat in de hoofdrol, er zijn theaterbewerkingen gemaakt (waaronder een satire), en een film, en ook verschijnen er nog steeds boekjes in allerlei varianten, zoals komend voorjaar Jarig met Dikkie Dik, Hoera, 2 jaar! en Jarig met Dikkie Dik, Hoera, 3 jaar!, inclusief dingetjes als een kroontje of een button.
Doorgaans geeft een kat geen melk, maar Dikkie Dik wordt aardig uitgemolken...
Ik vergeef het graag, want de voorleessessies in Sesamstraat gaven velen het goede voorbeeld.

dinsdag 17 december 2019

Anansi terug

Goed nieuws voor liefhebbers van Anansi. Komend jaar verschijnt er bij Gottmer een reeks boekjes over de spin die iedereen te slim af is en er komt een reeks animatiefilmpjes van studio Illuster, waar overigens ook een reeksje over Karel ende Elegast in voorbereiding is.


De teksten zijn  van AT5-presentator Iven Cudogham, de illustraties van Moldybird Studio. Volgens de uitgeverij wordt het een tv-serie, maar daarover kon ik geen aankondiging o.i.d. vinden. Illuster houdt het op: 'Hopelijk zal de serie eind 2019 op tv te zien zijn'. Nou, dat is het al... Het eerste boekje, Anani en de gulzige tijger, verschijnt februari 2020. De reeks is bedoeld voor lezers (en luisteraars) van 8+.

Overigens is Anansi nooit weggeweest, wat deze overlever bij uitstek wel past. Op Youtube is van alles te vinden, zie bijvoorbeeld hier en hier. En in de boekwinkel en de bibliotheek is-ie ook nog te vinden, bijvoorbeeld in Mister Anansi leert de wereld lachen van Wijnand Stomp en Lieke van Duin en Anansi van Noni Lichtveld.
Het bijzondere van de verhalen over Anansi is dat ze het perspectief van de arme maar slimme verschoppeling tonen, die moet zien te overleven in de jungle die de wereld is. Heel actueel dus... en een ander perspectief dan dat van de meeste jeugdliteratuur. Niks burgerschapsvorming, zal ik maar zeggen...

zondag 15 december 2019

Uit elkaar

Ouders die scheiden: het is voor hun kinderen doorgaans een pijnlijke, moeilijke ervaring.
Bette Westera en Sylvia Weve maakten rond dit thema een mooie bundel gedichten annex prentenboek, leesbaar voor kinderen van pakweg 8 jaar, als hun leesonderwijs tenminste geslaagd is. Voorlezen voor jonger kan ook, en kan pijnlijk en/of leerzaam zijn voor de ouders die net gescheiden zijn, ongeacht wie van hen voorleest.
Uit elkaar is prachtig vormgegeven door Bockting Design Amerang (Hans Bockting), met Japans gevouwen bladzijden, met de vouw van het vel aan de voorzijde intact, wat het mogelijk maakte de illustraties mooi van pagina naar pagina over te laten lopen.
Het valt meteen op bij de pinguïns op p. 3-5 en je hoeft maar verder te bladeren om meer toepassingen te vinden. Sylvia Weve is hier op haar best! Het spijt me dat mijn scanner het formaat niet aan kan, anders had ik graag wat getoond. Nu moet je/u (doorhalen wat niet verlangd wordt) naar de bibliotheek of (kinder)boekwinkel. Dat is geen straf.

Ook voor de teksten werkt de vormgeving goed.
Zie bijvoorbeeld op p. 7-8 dit gedicht:

Mijn vader is een lieverd,
mijn moeder is een schat,
maar dat mijn vader ooit iets
met mijn moeder heeft gehad,
dat kan ik niet begrijpen,
daar kan ik echt niet bij.
Ze hebben niets, maar dan ook
niets gemeen
behalve
(pagina omdraaien!)
mij

Zo al mooi, maar nog veel mooier door de opmaak in de omgeving van de uitbundige illustraties van Sylvia Weve (die dit jaar terecht de Max Velthuysprijs won). Een feestje, dit boek! Hoe je een ernstig onderwerp vrolijk kan brengen...
Die teksten van Bette Westera bekken overigens al lekker zonder al dat fraais eromheen. Ze zijn zoals ik al schreef goed te lezen voor mensen van acht en ouder, en uitstekend voor te dragen, de meeste zouden zelfs op muziek te zetten zijn. Tja, maak maar eens muziek in de stijl van Sylvia Weve!
Vooruit, ik citeer er nog twee, en daarna een raadsel.

Sylvester heeft twee vaders,
eentje echt en eentje stief.
En allebei die vaders
vindt Sylvester even lief.

De ene bakt op zaterdag
voor al zijn vriendjes friet.
Dat is ontzettend handig,
want de andere kan dat niet.

De andere leert hem gamen,
want daar houdt hij zelf zo van,
en schaken op de iPad,
wat de ene vader weer niet kan.

Sylvester heeft twee vaders,
en dat bevalt hem goed.
Hij wil er best nog eentje bij,
als dat van mama moet.

Uitleg overbodig. Je hoort het lied erin.
En dan bij die prachtige spin van Sylvia, of was het andersom:

Wees maar blij dat je geen Latrodectus mactans
bent / Het liefdesleven van dit kleine dier is on-
gekend: / het mannelijke spinnetje wordt na de
liefdesdaad / die ertoe dient een vrouwtje te
bevruchten met zn zaad) / onmiddellijk door
het bevruchte vrouwtje opgegeten. / Eén keertje
heeft hij het gedaan, en dat heeft hij geweten.

Dus: / Heeft je liefje je verlaten? / Is je vriendje 
vreemdgegaan? / Wil hij niet meer met je praten? /
Heb je het nog nooit gedaan?

Denk dan even aan de Latrodectus mactans-man. /
Dan weet je dat het in de liefde altijd erger kan.

Dat je 't maar weet. Eronder staat dat de Latrodectus mactans ook 'zwarte weduwe' heet. Maar het plaatje ernaast is top:



De teksten gaan wat betreft opmaak, onderwerp, toon en stemming alle kanten op, maar blijven wel trouw aan de titel van het boek. Het gaat allemaal over de toestanden die je krijgt als je vader en moeder uit elkaar gaan. Niet meer en niet minder.
Met één uitstapje, p. 44:



'Lieve Leo, wil je met me trouwen?'
'Beste Els, ik denk niet dat dat kan.'
'Echt niet?' 'Nee, jij bent getrouwd met Douwe.'
'Meen je dat? Daar weet ik niks meer van.'

O.k., nu dat raadsel.

Ik heb vannacht om kwart voor twee een tantetje gekregen.
Haar vader appte trots: een flinke meid, ze heet Marijn.
Mijn moeder is haar grote zus, ik ben haar nicht van negen.
Wie zou de vader van die pasgeboren tante zijn?

Ik heb zo'n idee...



Westera, Bette, & Sylvia Weve. Uit elkaar. Gottmer, 2019. 48 p., ISBN 978 90 257 7170 7. 









vrijdag 13 december 2019

De perfecte driehoek

Onder die titel stond er in Levende Talen Magazine 2019-8 een artikel door Victor Hernot over het 'project' 'Van kritische lezer tot volwaardig(er) burger', en dat project behelst het inzetten van literatuur bij lessen in burgerschapsvorming, waarover ik onlangs een stukje schreef.

Bij het artikel staat een charmante foto van een leerlinge, maar het artikel zelf is gortdroog en de auteur is het werkwoord nadenken kwijt. (Heeft dat vervangen door reflecteren. Tegenwoordig denken leerlingen niet meer na, maar ze reflecteren, uiteraard onder leiding van een bevoegd docent.) Het project is opgezet aan de lerarenopleiding van de Hogeschool van Amsterdam en behelst het 'geven van een nieuwe impuls aan het literatuuronderwijs door het burgerschapsonderwijs centraal te stellen'.
Dat burgerschapsonderwijs wordt opgevat zoals de Europese Commissie dat deed in een publicatie uit 2017, heel breed, zo breed en vol goede bedoelingen dat je je hart vasthoudt bij het idee dat alle docenten maatschappijleer en Nederlands dat zouden moeten gaan uitvoeren. (Ter herinnering, Hans Janmaat was ook leraar maatschappijleer.)
Uit wat volgt in het artikel blijkt dat het instrument bij uitstek van literatuur, taal, geheel ondergesneeuwd raakt. Poëzie is niet meer aan de orde, er moet vooral gepraat worden over motieven en ideeën. Literatuur blijkt daarbij ook een middel tot vermijding van al te directe gesprekken, die wellicht tegenstellingen tussen leerlingen zouden raken
Het vergt zeer bekwame en wijze docenten om hier iets moois van te maken.

donderdag 12 december 2019

Auteurs gezocht

Kluitman is kennelijk door zijn voorraad auteurs heen en zoekt een auteur door een wedstrijd uit te schrijven!

Kinderboekenuitgeverij Kluitman en voetbalmagazine GOAL! zijn op zoek naar een auteur voor een nieuwe serie voetbalboeken voor meiden. Iedereen die van voetbal en schrijven houdt, kan meedoen aan de schrijfwedstrijd die met dit doel georganiseerd wordt.

Kluitman is onder andere bekend van de vrolijke voetbalserie Koen Kampioen. GOAL! is een populair maandblad over alles wat met voetbal te maken heeft. De uitgeverij en het tijdschrift zetten zich samen in om een auteur te vinden die een fris, toegankelijk en avontuurlijk voetbalverhaal met veel humor kan schrijven. Naast vertegenwoordigers van Kluitman en GOAL! neemt een mystery guest zitting in de jury.


Het persbericht (d.d. 10-12-2019) verwijst naar een webpagina. Daarop staat het nog vrolijker:

Kinderboekenuitgeverij Kluitman en voetbalmagazine GOAL! zijn op zoek naar een auteur voor een nieuwe serie voetbalboeken voor meiden van 9 à 10 jaar. Iedereen die van voetbal en schrijven houdt, kan meedoen aan de schrijfwedstrijd die met dit doel georganiseerd wordt. Meer weten? Lees dan snel verder!

Over honorering staat er niets. Hopen dus maar dat de uitgekozen auteur een fatsoenlijk contract krijgt aangeboden.
Een jury beoordeelt de oogst: 'Naast vertegenwoordigers van Kluitman en GOAL! zit er een mystery guest in deze jury...'. Hopelijk niet Johan Derksen.