Zoeken in deze blog

zaterdag 6 februari 2016

Op een ochtend, in januari

ontving ik Op een ochtend, vroeg in de zomer, een bundel verhalen van Toon Tellegen met illustraties van Sylvia Weve.
Ik sloeg het boek open, passeerde een fraai schutblad en ander voorwerk en las

'Het aardvarken

Op een ochtend, vroeg in de zomer, besloot het aardvarken zich te verstoppen.
Hij had dat nog nooit gedaan.
Hij ging naar een deel van het bos waar volgens hem nooit iemand kwam en kroop daar in een struik vol met stekels en doornen.
Nu ben ik onvindbaar, dacht hij.
Maar voor alle zekerheid groef hij nog een gat in de grond, midden onder de struik, en ging daarin zitten, zodat alleen zijn hoofd nog zichtbaar was als iemand de takken opzijboog.
Vind mij nu maar eens! dacht hij en hij wreef in zijn handen, die hij met moeite bij elkaar bracht.
Maar toen hij een tijdje daar zo in elkaar gedoken had gezeten dacht hij: zou iemand mij eigenlijk wel zoeken? Als niemand je zoekt, wat heb je er dan aan om je te verstoppen?'
Hoe dit afloopt, ga ik uiteraard niet tonen.
Het deed me denken aan verstoppertje-spelen, vroeger. De zoeker moest zijn best doen om je te vinden, maar je wou wel gevonden worden. Trauma'tje: heel lang verstopt zitten, uiteindelijk toch maar tevoorschijn komen en ontdekken dat alle andere kinderen al weg zijn.




Doet het bekend aan? Mij wel. Al na de eerste regels was ik thuis: Toon Tellegen, onvervalst. Deze verhaaltjes sluiten naadloos aan bij voorgaand werk, van Er ging geen dag voorbij, negenenveertig verhalen over de eekhoorn en de andere dieren (1984, ills. Jan Jutte), Toen niemand iets te doen had (1985, ills. Mance Post), Langzaam, zo snel als zij konden (1989, ills. Mance Post), Misschien waren zij nergens (1991, ills. Mace Post), Bijna iedereen kon omvallen (1993, ills. Anne van Buul) en De verjaardag van de eekhoorn (1993, ills. Geerten Ten Bosch) tot bijvoorbeeld Is er dan niemand boos? (2002, ills. Annemarie van Haeringen, editie 2014 Marc Boutavant), Morgen was het  feest (2008, ills. Ingrid Godon) en  Iedereen was er (2009, ills. vanaf 2e druk Mance Post),
In de loop der jaren heeft zich een schare liefhebbers van zijn dierenverhalen gevormd. Ze zijn uniek, lief en poëtisch.
Aanbevolen portie: één verhaaltje per dag, amusant en prettig, ook om voor te lezen aan kinderen die er gevoelig voor zijn. Stemt tot nadenken en levert een gezonde vertraging van het levenstempo.
Alles achter elkaar lezen beveel ik niet aan. Teveel van hetzelfde. Hoewel de echte liefhebbers er wellicht nooit genoeg van kunnen krijgen.


    (Detail!)

Nieuw aan deze uitgave zijn uiteraard de verhaaltjes van Tellegen, maar vooral de illustraties van Sylvia Weve.
We waren immers gewend aan die van Mance Post, die zo veel dierenverhalen van Toon Tellegen van beeld voorzag dat ze de standaard werd, hoewel ook andere illustratoren hun talent mochten beproeven, zoals bijvoorbeeld Geerten Ten Bosch, Annemarie van Haeringen en Marc Boutavant.
Sylvia Weve maakte voor Op een ochtend, vroeg in de zomer dubbelpaginaplaten en alleen daarom al toon ik alleen dat ene detail hierboven, mijn scanner kan niet groter dan A4 aan.
Ik vind het heel fraaie platen, met een mooi, spaarzaam kleurgebruik, een consequente stijl en prachtige details. Zie de becijferingen van de beer, die niet weet hoeveel taartstukken hij moet snijden voor zijn feest (dat natuurlijk heel Tellegeniaans niet doorgaat en drie taarten zitten in de beer); de Esscher-achtige compositie bij 'De das', toepasselijk want gastheer das en gast krekel raken elkaar kwijt in de gangen van het dassenhuis; het potentellen van de duizendpoot, nee, duizendtwaalfpoot; de brokken die de olifant maakt op bezoek bij de eekhoorn; het verstand van de mier en nog veel meer. Wencke Taatgen kan haar met stip aan haar verzameling toevoegen, mocht ze die nog willen bijhouden.

Tellegen, ToonOp een ochtend, vroeg in de zomer, met tekeningen van Sylvia Weve. Querido, 2016. ISBN 978 90 451 1885 7 / NUR 283, 55 pag.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen