Zoeken in deze blog

donderdag 6 november 2014

Regels van de zomer

Het oog staarde me al enige tijd aan.


Een boek van flink formaat, een typisch prentenboek, met een raadselachtige titel. 
Achterop staat: 'Hou je aan de regels. Vooral als je ze niet begrijpt.'
Nog raadselachtiger.

Helaas staat er nog iets achterop. Reclametekst: 

'Shaun Tan groeide op als jongste van twee broers. Die ervaring inspireerde hem tot dit prentenboek, dat net als De aankomst, De rode boom en Het ding en ik van een verbluffende schoonheid is.

Over de boeken van Shaun Tan:
"Tan toont zich meester in tekeningen die alles zeggen. Beter, die alles laten voelen." NRC Handelsblad
"Volstrekt uniek, essentieel én leeftijdloos." De Morgen'

Ik wil graag zelf zien of ik het boek mooi vind, al heb ik begrip voor het citeren uit recensies. (Het boek moet verkocht worden...)
Dat van die broers mag informatief zijn, het stuurt ook de manier van kijken. Jammer. 
Dat begint al met de voorkant. Die jongen met zijn handen in de zakken van zijn lange broek, bij die opwinddino, dat is dan zeker een oudere broer. Misschien heeft-ie zojuist dat oog over het hoofd van zijn broertje geschoven. Dat kijkt daardoor met een groot oog naar de wereld, maar is ook meteen half opgesloten. De gemelijke blik van zijn oudere broer ziet hij niet. Die loopt weg, samen met de dino, die misschien ook kijkt, alsof hij tot leven is gewekt.

Dat oog, voorop, moet je overigens even voelen, even met een vinger eroverheen.

Sla je het boek open, dan zie je die oudere broer (of is het toch een vriendje, ik hoef me van die tekst achterop niets aan te trekken!) wegvliegen in een soort rode stoomvliegmachine. Het andere jongetje, in korte broek, rent erachteraan. Neem me mee!, zou hij kunnen roepen. Daarna volgen pas het colofon en de titelpagina.

Anders dan andere boeken van Shaun Tan bevat dit boek tekst. Achttien regels, waarvan zestien regels van de zomer.

'Dit heb ik de afgelopen zomer geleerd:
Je mag nooit een rode sok aan de waslijn hangen.
Je mag nooit de laatste olijf opeten.
Je mag nooit je jampot laten vallen.
Je mag 's nachts nooit de achterdeur open laten staan.
Je mag nooit op een slak trappen.' En zo verder tot de laatste regel:
'Dat is het zo'n beetje.
Elke regel krijgt een hele pagina, die voorzien lijkt van lichte, vage vegen verf in tinten die min of meer corresponderen met de bijhorende prent, alsof die nog een beetje nat was toen het boek werd dichtgeslagen. Maar toch ook weer niet zo dat je contouren terugziet.
Zelfs zonder prenten zijn deze regels pure poëzie. in al hun beknopte absurdisme. De vertaling is overigens van Bart Moeyaert.

Die laatste zin, 'Dat is het zo'n beetje', staat bij een plaat die beide jongens toont op een bank, met een bak chips (o.i.d.) tussen zich in, kijkend naar de tv. De muur hangt vol tekeningen, sommige figuren daarop komen bekend voor, want die bewoonden prenten daarvóór, in een heel andere gedaante.
De prent daarna, de laatste, toont een kraai die op een gevallen kroontje zit. Het zijn de enige prenten die je met wat goede wil 'realistisch' zou kunnen noemen, de andere zijn absurdistisch, taferelen uit Dalí-achtige dromen. Die laatste prent is trouwens niet echt de laatste, want die schutbladprent met die rode stoomvliegmachine keert op de laatste schutbladen terug.

De woorden mogen poëzie zijn, de prenten maken dit verhaal. Boze, hoopvolle, angstige dromen, in gloedvolle kleuren en met wilde landschappen en vreemde wezens - en kraaien.
Hier bijvoorbeeld de prent bij de eerste zomerregel, 'Je mag nooit een rode sok aan de waslijn hangen.'


En hier die bij 'Je mag nooit op een slak trappen'.


En mooi is ook de tweepaginaprent die voorafgaat aan 'Dit heb ik de afgelopen zomer geleerd'.


Het zijn prenten om lang naar te kijken.

Deze is ook heel mooi, bij de regel 'Je mag nooit je sleutels aan een onbekende geven'.


Die correspondeert namelijk met de prent bij 'Dat is het zo'n beetje', die ik niet kan weergeven omdat ik geen bruikbaar bestand op internet vond. Zelf scannen doet de prent beslist tekort, maar hier is een detail:



Zit er een lijn in het verhaal? Jazeker.

Het verhaal wordt op gang gebracht door die eerste tweepaginaprent die hierboven is weergegeven. Die toont van wie de vertellende hoofdpersoon ('ik') het een en ander heeft geleerd. Volgen dertien regels met bijpassende prenten. Die lijken te tonen wat voor verschrikkelijks of eigenaardigs er gebeurt als je de regel overtreedt, en die regels zijn allemaal iets wat je vooral nooit moet doen.
Na regel dertien, 'Je mag nooit wachten op het spijt me', met prent waarop de verteller in een soort kachelachtige stoomsneeuwschuiver lijkt opgesloten, volgen drie dubbelpaginaprenten waarop dat ding door landschappen schuift, met steeds meer volgende kraaien. En dan volgt een regel die iets vermeldt wat je wél moet doen in plaats van nooit:
'Je moet altijd een betonschaar bij je hebben.' Oudere jongen op fiets komt met verlossende betonschaar aanfietsen.


Waarna nog twee regels volgen, de een opnieuw met iets dat je altijd moet doen (de weg naar huis weten, en je ziet de jongste op het stuur van de fiets van de oudste, op weg door een grimmig landschap), de ander weer met iets dat je nooit moet doen, maar toch klinkt dat wel positief:
'Je mag de laatste dag van de zomer nooit missen.' En de prent toont hoe de oudste de jongste van een ladder over of op een muur helpt. Waarna een vrolijke dubbelpaginaprent volgt waarop de twee muziek lopen te maken in een decor van reuzenfruit. En dan volgt 'Dat is het zo'n beetje', zie boven.

Er is een lijn van negatief, culminerend in een gevecht tussen de twee en een soort gevangenname, waarbij de oudste een kroontje krijgt aangereikt door een kraai, naar positief. Met wat verbeelding kun je je voorstellen dat de oudste zijn broer of vriend eerst overmeestert en opsluit en vervolgens weer bevrijdt en thuisbrengt, en zijn kroon inlevert. Aan een kraai.
Je kan er wat inleggen, in dit verhaal. Een ruzie tussen oudere en jongere broer (of vriend), een ontwikkeling in de relatie tussen  oudere en jongere broer (of vriend). Een soort ontgroening. Ga je gang, het is niet verboden; dit verhaal brengt bij uitstek ieders verbeelding op gang.

Er is op die prenten nog veel meer te zien. Een zijlijntje zijn die kraaien en het kroontje. Maar allerlei voorwerpen en wezens komen ook terug in diverse prenten, bijvoorbeeld dat oog en de opwinddino van het voorplat, de aardbei van het verknalde plan, een van de strenge vogels bij de olijf, sommige muren, elektriciteitsmasten, de portretten van een kat, en zo meer. De kraai komt op bijna alle prenten voor - soms moet je even zoeken. Sommige voorwerpen lijken op blikken speelgoed. Bij het gevecht (regel 'Je mag nooit vragen waarom') lijkt wel een afvaardiging van hen aanwezig, ze kijken toe. En we vinden ze later terug als tekeningen aan de muur van de kamer. Droom- en andere uitleggers kunnen naar hartelust hun gang gaan! Ik gun het ze graag maar ga me er zelf niet aan bezondigen.

Er val heel veel te genieten en te mijmeren met dit prachtige boek!

Shaun Tan. Regels van de zomer. Querido, 2013. ISBN 978 90 451 1626 6 / NUR 274. Vertaling Bart Moeyaert. Oorspr. titel Rules of Summer, 2013.



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen