Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label Jacques Vriens. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jacques Vriens. Alle posts tonen

donderdag 23 februari 2017

Jacques Vriens

Het is een goede greep van de redactie van Literatuur zonder leeftijd (zie ook Facebook) om van tijd tot tijd een auteur of illustrator als onderwerp voor een aflevering te kiezen. Recentelijk waren dat Harrie Geelen, Imme Dros, Bart Moeyaert en Ted van Lieshout.

Jacques Vriens

Voor aflevering 101 (winter 2016) werd het Jacques Vriens. Aanleiding was Die rotschool met die fijne klas - want dat verscheen in 1976 en dus is Jacques Vriens veertig jaar schrijver. In die periode zag hij kans om ruim 90 titels te produceren, rond te reizen met eigen theatervoorstellingen en ook nog eens talloze keren als leesbevorderaar op te treden - deels als Kinderboekambassadeur (vanaf 2013; nu: Jan Paul Schutten). En daarnaast schreef hij diverse artikelen over het nut en de vreugde van lezen. Zijn BTW haalde ooit de kolommen van Leesgoed en is nu (terecht) te vinden in LZL 101 en op internet.

Ook anderen ontging dat veertigjarig schrijversschap niet: in februari was Achtstegroepers huilen niet voor € 2,- te koop in de actie Geef mij maar een boek.

BTW staat voor Bereikbaarheid, Toegankelijkheid en Waardering, want daarom gaat het volgens Jacques Vriens bij leesbevordering. Zie LZL 101 p. 19-20, vooral voor de tips. Nog steeds een prachthandleiding voor leesbevordering op school, in twee pagina's. De BTW wordt gevolgd door De Lijst van Vriens, zestig titels jeugdliteratuur die iedere aankomende leraar basisonderwijs zou moeten lezen. Leg die naast die van de huidige Kinderboekambassadeur (zie ook hier) en je hebt helemaal een prachtlijst. Ze overlappen elkaar uiteraard wel.

Verder in dit nummer onder meer een interview met Jacques Vriens door Helma van Lierop, herinneringen aan hem als adviseur voor Van Holkema & Warendorf door Martine Schaap, als schoolmeester door Annemarie Bon en als ambassadeur door Gerlien van Dalen, herinneringen aan hem door illustratrice Annet Schaap en door de auteurs Sjoerd Kuyper en Mirjam Oldenhave, besprekingen van zijn theaterwerk door Selma Niewold en van zijn serieboeken door Susan Venings, en enkele langere studies over het werk van Jacques Vriens door Jacques Dane, Sanne Parlevliet, Helma van Lierop en Ann Uleners.
En last but not least ook nog een heel verhaal ('Tinus-in-de-war') en gedichten van Jacques Vriens, die het als liedteksten voor een schoolmusical goed zouden kunnen doen.

Heel wat te lezen dus, voor de liefhebber.



Literatuur zonder leeftijd 101. ISBN 978 94 6167 294 0, 196 p.



maandag 25 maart 2013

Kinderboekambassadeur

Eindelijk heeft Nederland een kinderboekambassadeur. Die ambassadeur 'geeft de promotie van kinder- en jeugdboeken een herkenbaar gezicht en draagt de boodschap uit dat (voor)lezen een verschil kan maken in het leven van jonge mensen. Het kinder- en jeugdboek in het algemeen staat daarbij centraal en niet in de eerste plaats het werk van de Kinderboekenambassadeur zelf. De Kinderboekenambassadeur bereikt door publicaties, workshops, lezingen en andere activiteiten een breed publiek, waaronder leerkrachten, ouders en kinderen, maar ook politici en aankomend auteurs. De Kinderboekenambassadeur wordt aangesteld voor de duur van 2 jaar.'
Aldus Stichting Lezen, die met de CPNB en het Nederlands Letterenfonds initiatiefnemer is. Met jeugdboek bedoelt het persbericht vermoedelijk boeken bestemd voor 12+. Of 14+. Of jonge lezers van wie de geslachtshormonen beginnen op te spelen. De tautologie wordt niet toegelicht. Jacques Vriens, de eerste ambassadeur, trok er zich weinig van aan en zei bij zijn benoeming op 19 maart (o.a.): 'je doet kinderen tekort door ze geen leeservaring te laten opdoen'.

Of zo'n instituut enige indruk kan maken, hangt erg af van de gekozen persoon en het beschikbare budget. Van het laatste weet ik niets, maar met het eerste zit het goed: Jacques Vriens lijkt mij bij uitstek geschikt om als eerste ambassadeur op te treden. Hij is goed gebekt, heeft ervaring als schoolmeester en theatermaker, heeft kinderboeken geschreven die door veel kinderen worden gewaardeerd en niet door recensenten zijn neergesabeld, en heeft meermalen al het belang van goed leesonderwijs, schoolbibliotheken en kinderboeken  met verve verdedigd. Zie bijvoorbeeld in Leesgoed 2010-2 zijn artikel '‘Dus jij wilt mij dwíngen om te lezen!'. Betere keuze hadden ze volgens mij niet kunnen maken.

Intussen is het betitelen van ambassadeurs populair geworden in Nederlandse leesbevorderingskringen, want er zijn in het kader van het Jaar van het Voorlezen ook voorleesambassadeurs benoemd: Gerda Havertong, Ruben Nicolai en Merel Westrik. Hopelijk trekken de ambassadeurs in goede samenwerking op.
Het Jaar van het Voorlezen! Ja, want 'De Nationale Voorleesdagen werden dit jaar voor de tiende keer gevierd, Stichting Lezen bestaat 25 jaar, De Nationale Voorleeswedstrijd 20 jaar en BoekStart wordt 5 jaar. Aanleiding genoeg om 2013 uit te roepen tot Jaar van het Voorlezen.'
En dat wordt georganiseerd door 'de Leescoalitie, een samenwerkingsverband tussen Stichting Lezen, Stichting CPNB, Stichting Lezen & Schrijven en het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken'.
Er was een onderzoek aan voorafgegaan waaruit bleek dat '51% van de Nederlanders voorleest. Vier op de tien niet-voorlezers geeft aan voorlezen wel leuk te vinden en driekwart van de niet-voorlezers is zich zelfs bewust van de voordelen van voorlezen.'

Het instituut kinderboekambassadeur is vooral geënt op het Britse voorbeeld van de Children's Laureate (op dit moment Julia Donaldson). In Vlaanderen was er enige tijd een vergelijkbare Kinderconsul (Gerda Dendooven), op instigatie van de Vlaamse Stichting Lezen. Er wordt sinds 2008 weinig meer van vernomen. In de VS kent men sinds 2008 een National Ambassador for Young People's Literature (sinds 2012 Walter Dean Myers).

Ik ben natuurlijk benieuwd wat we verder nog gaan horen van de Nederlandse kinderboekambassadeur.

NB 9-4. Zijn eerste daad was een ingezonden brief in Trouw, met een pleidooi om meer met kinderboeken te doen aan de opleidingen tot leerkracht basisonderwijs.

maandag 15 augustus 2011

Julia Donaldson Children’s Laureate

Julia Donaldson is sinds juni de Children’s Laureate voor 2011 en 2012.

Michael Morpurgo en Ted Hughes riepen in 1999 de onderscheiding Children´s Laureate in het leven en reiken hem sindsdien om de twee jaar uit aan een auteur- of illustrator die een uitzonderlijke prestatie op het gebied van de jeugdliteratuur heeft geleverd. Een tweejaarlijks wisselende jury boekverkopers, bibliothecarissen, recensenten en schrijvers kiest een kandidaat. Ook kinderen kunnen schrijvers en illustratoren nomineren voor deze erefunctie. De winnaar krijgt een medaille en £15.000 en is ambassadeur van de jeugdliteratuur in Groot-Brittannië.
Na illustrator Quentin Blake, de auteurs Anne Fine, Michael Morpurgo, Jacqueline Wilson en Michael Rosen, was Anthony Browne de afgelopen twee jaar ´Children´s Laureate´. Zie bijvoorbeeld hier hoe hij in een interview uitlegt waarom prentenboeken belangrijk zijn.


Julia Donaldson volgt hem nu op.

Julia Donaldson (Londen, 1948) studeerde drama en Frans aan de universiteit van Bristol. Daarna schreef ze enkele jaren kinderliedjes voor de Engelse televisiezender BBC en kinderboeken die meestal geïllustreerd zijn door Axel Scheffler. Onlangs kwam ze in het nieuws omdat ze haar veto uitsprak over het maken van een e-book van haar bestseller De Gruffalo, zie ook hier. Ze was ook woordvoerder van het protest tegen de besparingsplannen voor de Britse bibliotheken (zie bericht 14/02/11). Momenteel woont Donaldson met haar man en drie zonen in Glasgow.

Zo'n Children´s Laureate, het zou waarachtig iets zijn voor de Lage Landen: een gezamenlijk project van de Vlaamse en Nederlandse Stichtingen Lezen (zie hier en daar) en van de twee IBBY-secties (waarvan de Vlaamse identiek is aan de Vlaamse Stichting Lezen): de Ambassadeur van het Nederlandstalige Kinderboek Jacques Vriens zou een hele goede eerste zijn, zie bijvoorbeeld hoe hij deze maand op Leesplein uitlegt hoe je 'leerlingen zonder stress boekbesprekingen kunt laten houden', en zie zijn vele artikelen terzake, zoals ' ‘Dus jij wil mij dwíngen om te lezen!' Of: we moeten al zoveel! ' in Leesgoed 2010-2. (Abonnees: zie hier.)
Ook Ted van Lieshout zou een goede zijn, zie de tomeloze energie waarmee hij de Middagen van het Kinderboek heeft georganiseerd. Hij heeft niet voor niets de meest recente Leesgoedprijs gekregen.



vrijdag 4 februari 2011

Jacques Vriens


wordt dit jaar 65 (gefeliciteerd, Jacques), wat passend wordt gevierd, maar echt met pensioen gaat-ie niet. Onverdroten gaat hij door met schrijven en theatermaken.
Jacques Vriens is oud-schoolmeester. Dat is aan zijn werk en aan zijn website te merken, maar het leverde ons ook een reeks inspirerende teksten op over wat je met kinderboeken in het onderwijs zou kunnen doen, waaronder diverse artikelen in Leesgoed, meest recent nog in nummer 2010-2, '‘Dus jij wilt mij dwíngen om te lezen!''
Eentje licht ik er uit, niet uit Leesgoed maar uit het helaas eind 2009 beëindigde zusterblad Leeskraam, nummer 2007-3:


Uit de voorleespraktijk van... Jacques Vriens

Jacques Vriens leest voor aan zijn kleinkinderen
 Niet weer Tommie en Lotje...


Het is bijzonder om je eigen boeken voor te mogen lezen aan je kleinkinderen. Ik lees Jelle en Evi dan ook regelmatig voor. Jelle is inmiddels bijna zeven en zit in groep 3. Toen hij ruim drie jaar geleden in groep 1 kwam, was zijn juf helemaal in de wolken. Ze bleek namelijk ‘fan' van mij te zijn en las veel ‘Vriens' voor. Ze vond het dan ook geweldig dat ‘de kleinzoon van' bij haar in de klas kwam. Maar na een paar maanden begon Jelle zich te beklagen en zei: ‘Opa, kun je niet tegen mijn juf zeggen dat ze niet áltijd hoeft te roepen dat ze een verhaal voorleest van de opa van Jelle.'


En na ruim een jaar speelde zich de volgende scène af: mijn kleindochter Evi, net vier, zit bij mij op schoot. Ik ga voorlezen en vraag: ‘Zullen we opa's boek Tommie en Lotje doen?' ‘Jaaaah!' juicht Evi. Maar achter mij hoor ik Jelle kreunen: ‘O nee, niet wéér Tommie en Lotje!' Kortom: een overdosis Vriens. Ik ben onmiddellijk, met veel succes, overgestapt op De kleine kapitein, Dolfje Weerwolfje, Robin en Jubelientje.


Maar na een flinke afkickperiode is het toch nog goed gekomen tussen Jelle en de boeken van zijn opa. Sinds hij in groep 3 zit, kan hij ook zelf lezen. Dit voorjaar waren we een weekje op vakantie met onze kleinkinderen. Op een ochtend hoorde ik vanuit hun slaapkamer het geluid van een voorlezende derde-groeper. Rustig alle woorden herkauwend en regelmatig een pauze. Jelle las zijn zusje voor uit Poes is weg. Ik luisterde stiekem aan de deur met tranen in mijn ogen en daarna sloop ik terug naar oma en riep opgewonden: ‘Jelle leest voor uit een boek van mij!' Maar wij blijven hem nog steeds vóórlezen. Dat vindt hij trouwens heerlijk, net als zijn zusje Evi.


Op ouderavonden probeer ik ook altijd het idee te ontzenuwen dat je kunt stoppen met voorlezen, zodra kinderen in groep drie zitten. Ik moet altijd denken aan mijn oude pianojuf. In het begin vond ik haar lessen nog wel spannend. Maar na een paar maanden is daar de lol wel vanaf met al die stomme vingeroefeningen. Het is net als met leren lezen. Je kunt na een paar maanden ‘de mus zit op het dak' of ‘Pim ligt in de tuin' ontcijferen. Niet bijster interessant allemaal. Mijn pianojuf speelde daarom quatre-mains met mij. Ik hoefde maar een paar tonen aan te slaan en zij fiedelde daar omheen en het klonk prachtig. Zo liet ze me horen, wat mij nog allemaal te wachten stond. En zo is het ook met blíjven voorlezen. Je laat kinderen ervaren dat er nog heel veel moois in aantocht is.


Het is net als leren fietsen. Als je maar vaak genoeg bij oma, opa of je ouders achterop de fiets hebt gezeten (of voor in het stoeltje), wéét je wat een fiets is. En wanneer je dan je eerste échte fiets krijgt, kun je nog niet fietsen, maar je wilt het maar ál te graag leren, want dan gaat er een wereld voor je open. Op de fiets én... natuurlijk in een boek!