Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label Sylvia Weve. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sylvia Weve. Alle posts tonen

zondag 15 december 2019

Uit elkaar

Ouders die scheiden: het is voor hun kinderen doorgaans een pijnlijke, moeilijke ervaring.
Bette Westera en Sylvia Weve maakten rond dit thema een mooie bundel gedichten annex prentenboek, leesbaar voor kinderen van pakweg 8 jaar, als hun leesonderwijs tenminste geslaagd is. Voorlezen voor jonger kan ook, en kan pijnlijk en/of leerzaam zijn voor de ouders die net gescheiden zijn, ongeacht wie van hen voorleest.
Uit elkaar is prachtig vormgegeven door Bockting Design Amerang (Hans Bockting), met Japans gevouwen bladzijden, met de vouw van het vel aan de voorzijde intact, wat het mogelijk maakte de illustraties mooi van pagina naar pagina over te laten lopen.
Het valt meteen op bij de pinguïns op p. 3-5 en je hoeft maar verder te bladeren om meer toepassingen te vinden. Sylvia Weve is hier op haar best! Het spijt me dat mijn scanner het formaat niet aan kan, anders had ik graag wat getoond. Nu moet je/u (doorhalen wat niet verlangd wordt) naar de bibliotheek of (kinder)boekwinkel. Dat is geen straf.

Ook voor de teksten werkt de vormgeving goed.
Zie bijvoorbeeld op p. 7-8 dit gedicht:

Mijn vader is een lieverd,
mijn moeder is een schat,
maar dat mijn vader ooit iets
met mijn moeder heeft gehad,
dat kan ik niet begrijpen,
daar kan ik echt niet bij.
Ze hebben niets, maar dan ook
niets gemeen
behalve
(pagina omdraaien!)
mij

Zo al mooi, maar nog veel mooier door de opmaak in de omgeving van de uitbundige illustraties van Sylvia Weve (die dit jaar terecht de Max Velthuysprijs won). Een feestje, dit boek! Hoe je een ernstig onderwerp vrolijk kan brengen...
Die teksten van Bette Westera bekken overigens al lekker zonder al dat fraais eromheen. Ze zijn zoals ik al schreef goed te lezen voor mensen van acht en ouder, en uitstekend voor te dragen, de meeste zouden zelfs op muziek te zetten zijn. Tja, maak maar eens muziek in de stijl van Sylvia Weve!
Vooruit, ik citeer er nog twee, en daarna een raadsel.

Sylvester heeft twee vaders,
eentje echt en eentje stief.
En allebei die vaders
vindt Sylvester even lief.

De ene bakt op zaterdag
voor al zijn vriendjes friet.
Dat is ontzettend handig,
want de andere kan dat niet.

De andere leert hem gamen,
want daar houdt hij zelf zo van,
en schaken op de iPad,
wat de ene vader weer niet kan.

Sylvester heeft twee vaders,
en dat bevalt hem goed.
Hij wil er best nog eentje bij,
als dat van mama moet.

Uitleg overbodig. Je hoort het lied erin.
En dan bij die prachtige spin van Sylvia, of was het andersom:

Wees maar blij dat je geen Latrodectus mactans
bent / Het liefdesleven van dit kleine dier is on-
gekend: / het mannelijke spinnetje wordt na de
liefdesdaad / die ertoe dient een vrouwtje te
bevruchten met zn zaad) / onmiddellijk door
het bevruchte vrouwtje opgegeten. / Eén keertje
heeft hij het gedaan, en dat heeft hij geweten.

Dus: / Heeft je liefje je verlaten? / Is je vriendje 
vreemdgegaan? / Wil hij niet meer met je praten? /
Heb je het nog nooit gedaan?

Denk dan even aan de Latrodectus mactans-man. /
Dan weet je dat het in de liefde altijd erger kan.

Dat je 't maar weet. Eronder staat dat de Latrodectus mactans ook 'zwarte weduwe' heet. Maar het plaatje ernaast is top:



De teksten gaan wat betreft opmaak, onderwerp, toon en stemming alle kanten op, maar blijven wel trouw aan de titel van het boek. Het gaat allemaal over de toestanden die je krijgt als je vader en moeder uit elkaar gaan. Niet meer en niet minder.
Met één uitstapje, p. 44:



'Lieve Leo, wil je met me trouwen?'
'Beste Els, ik denk niet dat dat kan.'
'Echt niet?' 'Nee, jij bent getrouwd met Douwe.'
'Meen je dat? Daar weet ik niks meer van.'

O.k., nu dat raadsel.

Ik heb vannacht om kwart voor twee een tantetje gekregen.
Haar vader appte trots: een flinke meid, ze heet Marijn.
Mijn moeder is haar grote zus, ik ben haar nicht van negen.
Wie zou de vader van die pasgeboren tante zijn?

Ik heb zo'n idee...



Westera, Bette, & Sylvia Weve. Uit elkaar. Gottmer, 2019. 48 p., ISBN 978 90 257 7170 7. 








NB d.d. 11-4-2020. Met Uit elkaar wonnen Bette Westera en Sylvia Weve de Woutertje Pieterse Prijs 2020. Dat werd op 11 april 2020 bekendgemaakt op radio NPO 1 - bij gebrek aan publieke uitreiking in verband met het Covid-19- of SARS-CoV-2-virus.

zaterdag 6 februari 2016

Op een ochtend, in januari

ontving ik Op een ochtend, vroeg in de zomer, een bundel verhalen van Toon Tellegen met illustraties van Sylvia Weve.
Ik sloeg het boek open, passeerde een fraai schutblad en ander voorwerk en las

'Het aardvarken

Op een ochtend, vroeg in de zomer, besloot het aardvarken zich te verstoppen.
Hij had dat nog nooit gedaan.
Hij ging naar een deel van het bos waar volgens hem nooit iemand kwam en kroop daar in een struik vol met stekels en doornen.
Nu ben ik onvindbaar, dacht hij.
Maar voor alle zekerheid groef hij nog een gat in de grond, midden onder de struik, en ging daarin zitten, zodat alleen zijn hoofd nog zichtbaar was als iemand de takken opzijboog.
Vind mij nu maar eens! dacht hij en hij wreef in zijn handen, die hij met moeite bij elkaar bracht.
Maar toen hij een tijdje daar zo in elkaar gedoken had gezeten dacht hij: zou iemand mij eigenlijk wel zoeken? Als niemand je zoekt, wat heb je er dan aan om je te verstoppen?'
Hoe dit afloopt, ga ik uiteraard niet tonen.
Het deed me denken aan verstoppertje-spelen, vroeger. De zoeker moest zijn best doen om je te vinden, maar je wou wel gevonden worden. Trauma'tje: heel lang verstopt zitten, uiteindelijk toch maar tevoorschijn komen en ontdekken dat alle andere kinderen al weg zijn.




Doet het bekend aan? Mij wel. Al na de eerste regels was ik thuis: Toon Tellegen, onvervalst. Deze verhaaltjes sluiten naadloos aan bij voorgaand werk, van Er ging geen dag voorbij, negenenveertig verhalen over de eekhoorn en de andere dieren (1984, ills. Jan Jutte), Toen niemand iets te doen had (1985, ills. Mance Post), Langzaam, zo snel als zij konden (1989, ills. Mance Post), Misschien waren zij nergens (1991, ills. Mace Post), Bijna iedereen kon omvallen (1993, ills. Anne van Buul) en De verjaardag van de eekhoorn (1993, ills. Geerten Ten Bosch) tot bijvoorbeeld Is er dan niemand boos? (2002, ills. Annemarie van Haeringen, editie 2014 Marc Boutavant), Morgen was het  feest (2008, ills. Ingrid Godon) en  Iedereen was er (2009, ills. vanaf 2e druk Mance Post),
In de loop der jaren heeft zich een schare liefhebbers van zijn dierenverhalen gevormd. Ze zijn uniek, lief en poëtisch.
Aanbevolen portie: één verhaaltje per dag, amusant en prettig, ook om voor te lezen aan kinderen die er gevoelig voor zijn. Stemt tot nadenken en levert een gezonde vertraging van het levenstempo.
Alles achter elkaar lezen beveel ik niet aan. Teveel van hetzelfde. Hoewel de echte liefhebbers er wellicht nooit genoeg van kunnen krijgen.


    (Detail!)

Nieuw aan deze uitgave zijn uiteraard de verhaaltjes van Tellegen, maar vooral de illustraties van Sylvia Weve.
We waren immers gewend aan die van Mance Post, die zo veel dierenverhalen van Toon Tellegen van beeld voorzag dat ze de standaard werd, hoewel ook andere illustratoren hun talent mochten beproeven, zoals bijvoorbeeld Geerten Ten Bosch, Annemarie van Haeringen en Marc Boutavant.
Sylvia Weve maakte voor Op een ochtend, vroeg in de zomer dubbelpaginaplaten en alleen daarom al toon ik alleen dat ene detail hierboven, mijn scanner kan niet groter dan A4 aan.
Ik vind het heel fraaie platen, met een mooi, spaarzaam kleurgebruik, een consequente stijl en prachtige details. Zie de becijferingen van de beer, die niet weet hoeveel taartstukken hij moet snijden voor zijn feest (dat natuurlijk heel Tellegeniaans niet doorgaat en drie taarten zitten in de beer); de Esscher-achtige compositie bij 'De das', toepasselijk want gastheer das en gast krekel raken elkaar kwijt in de gangen van het dassenhuis; het potentellen van de duizendpoot, nee, duizendtwaalfpoot; de brokken die de olifant maakt op bezoek bij de eekhoorn; het verstand van de mier en nog veel meer. Wencke Taatgen kan haar met stip aan haar verzameling toevoegen, mocht ze die nog willen bijhouden.

Tellegen, Toon. Op een ochtend, vroeg in de zomer, met tekeningen van Sylvia Weve. Querido, 2016. ISBN 978 90 451 1885 7 / NUR 283, 55 pag.