Zoeken in deze blog

dinsdag 25 juni 2013

Mrs. Bridges

Het is een van de tweede lichting e-boeken die ik kocht: Mrs. Bridges van Evan  S. Connell (1958).
E-boeken koop ik, voorlopig, vooral vlak voor een reis. Het scheelt gewicht.
In dit geval liet ik me inspireren door een recensie.

Meer dan een papieren boek, dat ik altijd even doorblader, lees ik een e-boek in rechte lijn, van voor naar achter. Ik begon dus gewoon, zonder ook maar een vermoeden te hebben van de afloop. Had zelfs nog niet door dat het 117 hoofdstukjes zijn, waarvan het laatste 'Hello?' heet.

Het begin was meesterlijk.
'Her first name was India - she was never able to get used to it.'
Maar waarom me dat meteen pakte? Het toont ongemak. Een vlekje.
'It seemed to her that her parents must have been thinking of someone else when they named her. Or' (nog erger) 'were they hoping for another sort of daughter?
As a child, she was often on the point of inquiring, but time passed, and she never did.
'

Een vleugje drama. Na tien hoofdstukjes was ik er achter dat de verteller er in was geslaagd in één alinea het begin van een karakter te schetsen. Vooral dat 'time passed, and she never did' is tekenend.
Inderdaad, de tijd verglijdt, voordat je het weet ben je oud, is je echtgenoot gestorven, je kinderen de deur uit, weet je meer dan ooit nooit wat je wil doen. Het einde is prachtig roemloos en ik ga het niet verklappen.
Maar ik kan het niet laten na de eerste zinnen ook de laatste te citeren.
'Finally she took the key from the ignition and began tapping on the window, and she called to anyone who might be listening, 'Hello? Hello out there?' But no one answered, unless it was the falling snow.'

But you don't know what it is
Do you, Mister Jones?


Nu speelt Mr. Bridges ook een rol in dit verhaal, maar hij is een heel ander karakter. Over hem heeft Connell ook een verhaal geschreven (1969) en het staat bovenaan mijn lijstje. 
Maar hier gaat het geheel en al over Mrs. en slechts enkele keren kijkt de verteller niet door haar ogen maar door die van iemand anders naar haar.
Mrs. zou de echtgenote geweest kunnen zijn van Dylans Mr. Jones. She tries so hard, but she doesn't understand. Maar ze is de brave echtgenote van Walter Bridges, ze leert haar dochter en zoon goede manieren, gaat naar haar clubs en tracht de tijd door te brengen.
Keeping up with the Joneses, daar is ze zeker van, maar haar buren heten geen Jones. (Hoe wel, ben ik vergeten.)
Ze is de saaist denkbare hoofdpersoon en toch is dit een onweerstaanbaar verhaal, tegelijk grappig en droevig, schrijnend, hilarisch. De verteller houdt er een uiterst laconieke, beknopte stijl op na en die past hier helemaal, die maakt het verhaal. Hier word ik bijna verleid tot meer citeren. Ik doe het niet. Lees het zelf maar.




Ik kwam achteraf (na thuiskomst) te weten dat de verhalen over Mrs. en Mr. Bridges zijn verfilmd en dat er een website is waar je onder de naam Mrs. Bridges jams kan kopen. Het is een Britse website, dus ik weet niet zeker of de twee mevrouwen iets met elkaar te maken hebben.
In de film speelt Joanne Woodward de rol van Mrs. Bridges. Toch net wat meer bijdehand dan het beeld dat ik al lezend had gevormd. Het optreden in de film moet een ironische belevenis voor haar en de andere hoofdrolspeler, Paul Newman, zijn geweest. Woodward 'is de weduwe van Paul Newman, met wie ze vijftig jaar – tot aan zijn dood in 2008 – getrouwd was,' aldus Wiki.




Evan S, Connell. Mrs. Bridges. North Point Press, 1990 (oorspr. 1958). ISBN 978 0 86547 0569. E-boek: 978 1 58243 8498.

maandag 10 juni 2013

Maurice Sendak 85 jaar

Er moet iemand bij Google werken met een goede neus voor kinderboeken. Eerder al aandacht voor bijvoorbeeld de gebroeders Grimm en Winsor McCay (Little Nemo), vandaag aandacht voor Maurice Sendak, een van de bekendste (en wat mij betreft ook beste) prentenboekenmakers ter wereld.

Wie de zoekmachine aanklikte, kreeg eerst dit


en na aanklikken een filmpje waarin diverse figuren uit Sendaks werk voorbij trokken.

Hieronder enkele stills.









Van Maurice Sendak is in het Nederlands taalgebied nog steeds werk te koop, waaronder het bekende Max en de Maximonsters, vertaling van Where the Wild Things Are (1963), verschenen bij Lemniscaat.



Uitgeverij Lemniscaat viert overigens zaterdag 15 juni dat ze 50 jaar bestaat.



Het jubileum zij de medewerkers van harte gegund. Lemniscaat heeft een traditie in kinderboekenland waar met trots op teruggekeken mag worden, vind ik.

NB d.d. 11-6. Tzum plaatste nog een filmpje ter gelegenheid van deze verjaardag. 'A childhood is a very tough time.'


zaterdag 8 juni 2013

Leren tellen: appje voor jonge kinderen

Zaterdag 17 juni 2011 zat er een persbericht bij de slakkenpost. Het was de eerste brief gericht aan 'Over lezen en schrijven' die ik ontving, en viel dus op. Bovendien zat de brief verpakt in een mooie, mistig-doorzichtige envelop met een kleurig sluitzegel waarop appracadabra stond, in roze schrijfletters en ik zag door de envelop een tekening en nog wat dingetjes, nou ja, genoeg om de envelop meteen te openen.
Er viel een mooi visitekaartje uit van ene Diana van Ewijk uit Den Haag, waarop naast de gebruikelijke gegevens stond: 'wonderful children's apps in your own language'.
Er viel ook een ander envelopje uit, van plastic, die ik kon openen door aan een draadje te trekken, en daaruit viel een wat groter kaartje met aan de ene kant een wolkenlucht getekend en aan de andere kant ballonnen en aan weerszijden draadjes om het op te hangen.
Er moest iets gevierd worden, zo te zien.

De brief luidde na aanhef zo:
'Iets meer dan een jaar geleden zat een vermoeid gezin te wachten op een snikheet Italiaans vliegveld. De kinderen waren al snel uitgekeken op de meegebrachte boekjes en de (Engelstalige) apps en zetten het op een brullen. Nu lanceert datzelfde gezin (samen met twee vrienden) 'Tel de dieren!', een speciaal door iPhone en iPad geïllustreerd prentenboek waarmee je in 16 verschillende talen tot 20 leert tellen.
Bijgaand ontvang je het persbericht over 'Tel de dieren!'.
We zouden het geweldig vinden als jullie over Appracadabra of over 'Tel de dieren!' zouden willen schrijven. Maar omdat de 'Tel de dieren!' pas vanaf eind augustus te koop is, willen we je vragen om een eventueel stuk niet eerder dan 31 augustus 2011 te publiceren.
Mocht je meer informatie nodig hebben over Appracadabra, dan horen wij dat graag. je kunt in dat geval contact opnemen met Diana van Ewijk, via diana{bij}appracadabra.com of telefonisch op 06 48490837.

Met vriendelijke groet,
Diana van Ewijk
Appracadabra'

De brief leerde me dat de makers de beleefde aanspreekvorm u definitief voor versleten houden, net als Ryan Air, Ikea, KPN en vele andere bedrijven, plus soms de Nederlandse overheid, dat er sprake was van zich redelijk ongeremd uitende kinderen en kennelijk verkeerd gekozen 'boekjes', en een vonkje, een idee, dat uitmondde in een bedrijfje (?) en een uitgave.

Of dat bedrijf er al niet eerder was, weet ik niet zeker. De Engelstalige website vertelde wel iets over de vier mensen die het vormen, maar niet wanneer dat begon. Ik ontdekte dat die Diana van Ewijk een intiatiefrijk mens met handelsgeest moet zijn: ze had al drie websites gemaakt waarop allerlei knutsels en frutsels te koop waren: Ozowiezo (waar ik ontdekte dat voornoemde brullers waarschijnlijk haar dochters Lena en Jet waren), Homemade Happiness en Mamamarketing. Dat laatste is bedoeld voor mensen (mama's?) die een eigen webwinkeltje willen beginnen - net als zij.

Het persbericht en de website leerden me dat het gaat een app, zo'n miniprogramma'tje (applicatie) voor de smartphone, en dat het maken ervan iets ingewikkelder was dan ze dachten, zodat de publicatiedatum van mei naar augustus 2011 verschoof:
Initially we were to launch “Count the Animals!’ in May, but, well, publishing our very first app turned out to be a little bit more complicated than we thought. And since we want to launch a 101% perfect children’s app, we decided to take some extra time.  '
Dit komt ook van de website:
Our first app will be all about basic mathematic: learning to count from 1 tot 20. Not just ordinary counting, mind you… No, in this app you’ll have to ride a stubborn pony, catch a whole lot of jumping fleas and try to rescue a stack of jars with tadpoles in them… every time you tap on an animal, something strange or funny happens!
You can have a voice over in your own language reading the numbers to you, or you can count by yourself. And, for older kids: you can even count backwards – or, better yet: learn to count in Arabic, German, French or Polish! '
En volgens het persbericht zou dit al kunnen met tweejarigen. 'Bij ieder dier dat je aanraakt, gebeurt er iets verrassends'; 'de grappige geluidjes stimuleren kinderen om door te geen'; 'met "Tel de dieren!" leer je tot 20 tellen in het Arabisch, Chinees, Nederlands, Engels, Frans, Duits, Grieks, Italiaans, Japans, Litouws, Pools, Slowaaks, Spaans, Zweeds en Zwitser-Duits.' (Met zulke wereldwijde ambities zou ik er toch minstens Russisch, Hindi en Koreaans aan toevoegen.)

Het persbericht leerde me verder dat het viertal van plan was vanaf augustus elke twee maanden een nieuwe app voor kinderen uit te brengen, apps met een 'ambachtelijk gevoel'.
En 'Tel de dieren!' werd getekend door Caroline Ellerbeck, 'a renown Dutch illustrator who lives in Rotterdam'. Ja ja, het verkopen zit ze wel in het bloed.



Dit alles schreef ik op 17 juni 2011, o.a. omdat ik me afvroeg (en nog afvraag) wat er in de toekomst overblijft van het aloude kinderboek en daarom graag berichten plaats over verhalen voor kinderen op of in andere media. Zie 'Hoi, ik ben Yoleo!' (11-04-2013), Gecertificeerde recensenten (14-02-2013), Prentenboek-apps goed voor wooordenschatontwikkeling (20-12-2012), Boeken beleven (06-11-2012) Non-fictie anders (16-08-2011, o.a. over Appracadabra per gsm), Mediasnoepjes (11-08-2011), Geen e-boek van The Gruffalo (31-03-2011), Digitale kinderboeken (22-03-2011), Kinderboeken als app (11-01-2011), Krassen voor een geschenk (02-12-2010),  Modelcontract (in dat contract ook artikelen over digitaal uitgeven), Kinderen willen e-boeken (04-10-2010), en Alle kinderen een e-boek? (30-09-2010).
Ik sloeg mijn conceptbericht op, met de bedoeling er later mee verder te gaan.

En nu is het 8 juni 2013, en enkele dagen geleden kwam ik dit opgeslagen bericht bij een opruim-actie tegen onder 'concepten'. Wat is er geworden uit het initiatief? 
De website bestaat nog, met verscheidene apps te koop, en blog en al. Marlis, Xander, Jochem en Diana worden nog genoemd en alle genoemde andere websites bestaan ook nog. Succes geboekt, neem ik aan. Volgens de blog: 'We are Marlis, Xander, Jochem and Diana. We like to share our love for apps, picture books, hand drawn craftmanship and all the other things that makes us tick. You’ll also find lots of tips on travelling with kids and some of the coolest smartphone stuff from around the world. Enjoy!

Hoe ging het met Tel de dieren!? 'Thanks all for voting for ‘Tel de Dieren!‘ as Best Mobile App 2012. But alas… The winner in our category was TRVL – they won with 14 votes more than the runner-up – nice detail, no? We had a fun evening, walking & talking with other Dutch tech app start-up, in the very hip Hotel [...]
Maar de app is nog te koop en bovendien 'Oh happy day! Our children’s app Count the Animals is selected by UKs Junior Magazine as the Best Educational App 2012!'

Nu heb ik even geen zin om die app te recenseren. Maar deze korte geschiedenis is een kleine illustratie bij een nieuwe trend, die toekomst lijkt te hebben. Overigens is Tel de dieren! niet te vinden in de Boek-en-jeugd-gids, noch op Leesplein. Niet goed genoeg of niet van papier? Apple vermeldt wel: 'Verkozen tot een van de vijf beste kinderboeken-apps door Vrij Nederland'.


donderdag 6 juni 2013

Wedden dat ik lees

De Weddenschap logo

Op 19 september 2012 startte een campagne om leerlingen van het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs aan het lezen te krijgen, en die wordt komend schooljaar herhaald, met 18 september als start.
Drie (3, DRIE) boeken zullen ze (in zes maanden tijd) lezen, als ze de 'weddenschap' aangaan met drie 'bekende Nederlanders'. Dat is, zullen de organisatoren hebben gedacht, een formidabele prestatie voor de gemiddelde vmbo-leerling. Drie (3) hele boeken! Omtrent de omvang zijn geen voorwaarden bekend. In Hoe werkt het staat: 'In principe mogen de deelnemers elk Nederlandstalig boek lezen dat passend is bij hun leeftijd.'
Er waren in de eerste campagne prijzen te winnen: 'een iPad, en andere prijzen, zoals toegangsbewijzen voor Drievliet, bioscoopbonnen, vrijkaartjes voor een motorrace, dvd’s en boekenpakketten. Wie meedoet met de klas, kan een meet & greet met één van de BN´ers winnen.
Wow, om in het register te blijven.
De bijbehorende website was heel modern ingericht, met kwetterhoekje en andere allerlaatste berichten, advertentie-achtige nieuwtjes, persoonlijke verhalen op video van een stel vlotte tieners, te weten Farma, Ajoud en Jasper.

Men haalde veel uit de kast....

Wat zou er geworden zijn van de eerste campagne? Bij Kunst van Lezen vond ik dit:

'De Weddenschap afgesloten met vmbo-debattoernooi21-03-2012
Op vrijdag 9 maart was de finale van het landelijke vmbo-debattoernooi op het Scala-college in Alphen aan den Rijn. Leerlingen van 28 vmbo-scholen debatteerden daar over vier stellingen die te maken hadden met lezen. Het toernooi werd dit jaar gesponsord door Stichting Lezen.
Met de debatfinale werd ook De Weddenschap, de leescampagne voor het vmbo, afgesloten. In de slotronde debatteerden de twee sterkste teams over de stelling 'Boeken lezen voor Nederlands hoort bij het vmbo'. De Francois Vatelschool uit Den Haag wist het debat uiteindelijk te winnen met sterke argumentatie. In de voorrondes debatteerden de leerlingen over Latino King van schrijfster Bibi Dumon Tak. Dit boek uit de slashreeks van Querido is bij De Weddenschap het meest gelezen boek. Ook de boeken van Carry Slee waren populair.
Bijna 3050 leerlingen hebben zich op www.deweddenschap.nl geregistreerd. Zo'n 900 hebben de eindstreep behaald door het lezen van de vereiste drie boeken. Komende weken zal de loting plaatsvinden van de prijzen. De hoofdprijs is een iPad en scholen die klassikaal hebben deelgenomen aan De Weddenschap maken kans op een meet & greet met rapper Yes-R.
Ook volgend leerjaar gaat De Weddenschap weer van start. Nieuwe, verse BN'ers draaien zich inmiddels warm om alle vmbo-leerlingen in Nederland uit te dagen boeken te gaan lezen. Op woensdag 19 september vindt de aftrap plaats.'
De website is nu voorlopig ietsje soberder, duidelijk gericht op docenten:
'De Weddenschap gaat 18 september van start. Met deze leecampagne voor vmbo en mbo, heeft u een uitdagend middel in handen om leesplezier bij uw leerlingen op de kaart te zetten.
3 BN'ers dagen leerlingen uit 3 boeken te lezen in 6 maanden tijd. Schrijf u vandaag nog in als deelnemend docent. Wanneer De Weddenschap start krijgt u inloggegevens waarmee u kunt zien welke boeken uw leerlingen hebben gelezen.' De spelfout leecampagne is authentiek. Men kan zich dus aanmelden. En een degelijke brochure downloaden, geschreven door Kees Broekhof. Zoals dat tegenwoordig hoort is er een Facebook-pagina en iets op Kwetter.

Het doet me denken aan een wanhoopscampagne, gericht op maximale beloning voor een minimale prestatie. Wie weet werkt het. Uitstraling en zo.
Maar we weten: de docent is doorslaggevend, wil het iets worden met lezen in het onderwijs. Kees Broekhof deed zijn best om argumenten te leveren voor goed en uitgebreid taal- en leesonderwijs, maar dat is niet genoeg. Enthousiasmering, bijscholing... Een project als Leeskr8t is misschien een begin, en zie ook Er Was Eens en Leesplan, merkwaardig genoeg niet genoemd in die brochure.



dinsdag 4 juni 2013

Wat te zien, wat te horen

Het is voorjaar, knoppen springen open en daar komen ook de aanbiedingsfolders van theater en muziek voor komende tijd. Een tegelijk blij en moedeloos stemmende grote berg. Twee schouwburgen, een concertgebouw, twee muziekcentra, Holland Festival en nog het een en ander en Oerol komt er ook nog aan.

Neem bijvoorbeeld de dikke brochure van de stadsschouwburg van Utrecht, een oblong boekwerk van 144 pagina's. Aangezien we hier thuis allebei wel eens kaartjes hebben besteld, ontvingen we dus allebei zo'n boekwerk.
Meestal slingert dat drukwerk enige tijd op tafel voor we ertoe komen een selectie te plegen.
Waar zou ik heen willen en waarom? Wat kan ik overslaan? Dat laatste is eigenlijk de eerste impuls, ingegeven door het overvloedige aanbod.
Afdeling jeugdtheater. Toch even kijken. Wel opmerkelijk, van de 43 aangeboden voorstellingen voor 'jeugd en familie' in de Utrechtse stadsschouwburg zijn er 10 aanwijsbaar gebaseerd op (kinder)boeken: Pluk van de Petteflet (Theater Froefroe), Engel met vieze voeten (Theater Sonnevanck, vrije bewerking van Heidi), De Gruffalo (Twee-ater Producties / Meneer Monster), Alleen op de wereld (Maas), Erik of het klein insektenboek (Toneelschap Beumer & Drost), Dribbel (Theater Terra), Wim is weg (Het Laagland), Ik ben een goochelaar (Maxtak), Ik ben niet bang (Beer Muziektheater / René Groothof) en De beer die geen beer was (Anneke van Giersbergen, bewerking van het onvolprezen The Bear That Wasn't van Frank Tashlin). En 3 aanwijsbaar gebaseerd op oude verhalen en/of opera's: Icarus! of de lucht is blauw en ook de zee (Theatergroep Kwatta), Carmen & Flamenco (Frank Groothof), Pulcinella & paarse dwazen (Introdans), en Robin Hood (Het Laagland).

File:The Bear That Wasn't (book cover).jpg

Maar dat terzijde, omdat ik het als oud-hoofdredacteur van Leesgoed niet kan laten. Waarom zou ik er trouwens niet naar toe gaan? Veel voorstellingen zijn veelbelovend. De broers Groothof staan in voor goed theater, is mijn ervaring. Daar hoef je geen kind voor te zijn, al is een beetje innerlijke kinderlijkheid altijd aanbevolen. Geldt trouwens ook voor een stuk als Toen mijn vader een struik werd, gebaseerd op het gelijknamige boek van Joke van Leeuwen. Maar dat staat niet in het schouwburgboekwerk, is elders te zien. Enfin, nog even zien.

Opera: ook maar overslaan? Of toch gaan kijken hoe ISH L'Incoronazione van Claudio Monteverdi verandert in een 'hiphop breakdance opera'? Of hoe Opera Zuid de zigeuners in Carmen verandert in hippies?  Hm.
Dans dan. Het Nationale Ballet (en traditioneel ballet i.h.a.) is niet mijn ding, dat sla ik over. Andere voorstellingen vind ik interessanter, toch ben ik steeds verbaasd over wat die allemaal zouden moeten overbrengen wat ik pas achteraf snap, als ik de toelichting lees. Zoals ik ook altijd geïntrigeerd staar naar de namen van die dansstukken. Heel mooi, soms, maar het verband met wat ik zie en hoor snap ik nooit. 'How long is now'... Besluit: deze selectie laat ik over aan mijn liefje.
Circus. Ook maar overslaan? Voor een echt circus, met beesten, trapeze en clown en zo, wil ik een tent met zaagsel en planken, geen schouwburgzaal. Of toch maar wel naar Cirque Stiletto 2 van Ellen ten Damme? De Ashton Brothers?  Meest recente voorstellingen vielen me tegen.
Muziek in de schouwburg? Even kijken, hm, Viktor Lazlo met een eerbetoon aan Billie Holiday? Daniel Samkalden? Nynke Laverman! Noteren. Maar wel later ook de andere podia doornemen. (Poulenc, Stabat mater en Litanies à la vierge noire! Eh, wel € 30,- p.p...)

Tjee, de afdeling Cabaret levert ruim 60 namen op! Ik zou ze wel bijna alle zestig willen zien, al was het maar omdat Bert Visscher er niet bij zit. Gelukkig treden sommigen samen op, maar dat zijn bij elkaar nog altijd 58 voorstellingen. Help. Voorlopig kies ik er 2 uit: Theo Maassen en Katinka Polderman. Misschien ook Vincent Bijlo, die had laatst een hilarisch grappige voorstelling in het onvolprezen Beauforthuis.

Theater! Daarmee associeer ik de schouwburg toch allereerst. 'God zegene de greep', inderdaad... (Dries Verhoeven.) Met Adelheid Roosen Wijk C in, o nee, Ondiep. Zit er iets tussen waarvan ik meteen denk: dat  moet ik zien? Oude meesters misschien, van Joost Prinsen en Bram van der Vlugt? Lijkt me een hele mooie voorstelling en een die me wel ligt. Dudapaiva: intrigerend.

Dat is dan nog maar één boekwerk...

Hoe moet dat met Rasa, het Muziekcentrum, de Amsterdamse schouwburg, het BIM-huis, Delamar, Beauforthuis, Holland Festival (Hans Was Heiri!), Holland Opera, Festival Oude Muziek, de, enfin, de rest van de stapel? Minstens drie keer per week 's avonds op pad, er zit niets anders op. Met mijn andere liefhebberijen mee wordt dat alle avonden weg. (Dievengilde opgelet: dat gaat er niet van komen.)

Eh, hoe zat dat ook alweer met die 'crisis'? Nou ja, sommige toegangsprijzen zijn behoorlijk hoog. Neem bijvoorbeeld Blauwbaard op Fort Rijnauwen van Holland Opera: € 40,- p.p., dat is niet misselijk.
Ja, ik woon in de Randstad. Als ik in de Achterhoek zou wonen, zou het aanbod op minder dan pakweg een half uur rijden wellicht overzichtelijker zijn. Maar dat weet je, als je daar woont. Dat is geen crisis.
De cijfers over het publiek ken ik niet. Daarin zit 't 'm. Als die per seizoen dalen, dan is er achteruitgang. Doen ze dat? Geen idee. En aantallen toeschouwers/luisteraars is niet alleenzaligmakend, de variatie is ook een criterium, de ruimte voor experimenten, het aanbod waarvoor wellicht wat minder mensen komen die evenwel toch tevreden zijn, de ruimte voor startende, relatief onbekende kunstenaars. Ik kan dat niet beoordelen, maar als ik alleen al kijk naar die stapel brochures of hun equivalent op internet, als ik me de wat minder bekende voorstellingen herinner van Oerol of het Amersfoortse Spoffin-festival, dan vind ik nog genoeg variatie en ruimte.
Boeken dan? Literatuur? Handelaars klagen over dalende omzet, maar als dat betekent dat de verkoopcijfers dalen naar die van pakweg 2000 of 1975, is dat dan crisis? Hadden we die toen?
En hoe gaat het eigenlijk met de kunst van het woord, de literatuur? Lees het opstel van Henk van Straten in de bijlage van de Volkskrant, afgelopen weekend. Amsterdam barst van de literaire evenementen. De geest waait nog.

Crisis? What crisis?







maandag 3 juni 2013

Een oud hondje

'Ik heb een oud hondje, Binkie. Hij is blind. Hij kan zich alleen maar redden door in twee tijden te leven. Als hij van zijn mand naar de etensbak loopt, leeft hij in het heden van zijn honger en in het verleden van toen hij nog kon zien. Hij kan zijn etensbak vinden en overleven dankzij het feit dat hij zijn verleden actief maakt. 
In principe zijn wij mensen net als Binkie afhankelijk van het verleden om te overleven. We zijn allemaal blind en varen op ons verleden om voort te kunnen. Elke handeling die we uitvoeren, heeft een vracht aan geschiedenis achter zich. 
Dat geldt voor de allerkleinste dingen, zoals de beweging van een vork naar de mond, maar ook voor de grotere zoals het luisteren naar een symfonie van Stravinski, die we alleen kunnen appreciëren, omdat er een verleden van luisteren naar steeds moeilijker muziek aan vooraf is gegaan. 
Wat voor ons persoonlijk leven geldt, geldt des te sterker voor het collectieve verleden. Aan onze hap eten op een vork is een beschavingsgeschiedenis van eeuwen voorafgegaan. Niets bestaat zonder een geschiedenis.'

Zo begon de eindexamenopgave Nederlands, tekstanalyse, voor het voorbereidend wetenschappelijk onderwijs. Een tekst van Marita Mathijsen.
Er is commotie ontstaan doordat een ruime hoeveelheid hoogleraren een bericht stuurde naar de onderwijsspecialisten van de Tweede kamer, met deze tekst:
'Aan de onderwijsspecialisten van de fracties van de Tweede Kamer:

De ondergetekenden spreken hun zorg uit over de eindexamens Nederlands zoals deze momenteel in scholen voor vwo, havo en vmbo afgenomen worden. De afgelopen weken is er in de kranten gewezen op problemen die er zijn met de (open en meerkeuze-)vragen die gebruikt worden. Bovendien bleek bij journalistieke navraag (NRC Handelsblad van 27 mei 2013) dat er geen wetenschappelijke of praktische basis is voor de terminologie die in de vragen gehanteerd wordt. Ook de beroepsvereniging voor leraren Levende Talen heeft zich tegen de huidige vorm van examinering uitgesproken.

Het onderwijs in taal heeft sinds enkele jaren de hoogste prioriteit. Naar ons oordeel is dit terecht. We hebben echter grote twijfels of de opleiding tot het huidige eindexamen iets bijdraagt aan de daadwerkelijke kennis van taal of de taalvaardigheid van de leerlingen. Tegelijkertijd staat het onderzoek naar taal en tekststructuur in Nederland op een internationaal zeer hoog niveau. Het is jammer dat hiervan niets doordringt tot het examen.

Wij roepen daarom op tot een ingrijpende herziening van het eindexamen Nederlands, op alle niveaus. De inhoud van het schoolvak Nederlands zou, net als bij andere schoolvakken, altijd een combinatie van kennis en vaardigheden moeten zijn, die op een verantwoorde manier getoetst wordt. Op dit moment worden er in het eindexamen geen taalwetenschappelijke kennis of taalvaardigheden getoetst, en wat er wel getoetst wordt, is onverantwoord. '

En dat initiatief leidde tot een petitie met de volgende tekst:
Wij
(aspirant-)docenten Nederlands op alle onderwijsniveaus; scholieren; ouders; betrokken burgers
constateren
dat er grote problemen zijn met de (open en meerkeuze-)vragen die gebruikt worden in het huidige eindexamen; dat er bovendien geen wetenschappelijke basis is voor de terminologie die in de vragen gehanteerd wordt. Het onderwijs in taal heeft sinds enkele jaren de hoogste prioriteit. We hebben echter twijfels of de opleiding tot het huidige eindexamen iets bijdraagt aan daadwerkelijke kennis van taal of taalvaardigheid.
en verzoeken
daarom een ingrijpende herziening van het eindexamen Nederlands, op alle niveaus. De inhoud van het schoolvak Nederlands zou, net als bij andere schoolvakken, altijd een combinatie van kennis en vaardigheden moeten zijn, die op een verantwoorde manier getoetst wordt.  '
(Zie Neder-L voor de hooggeleerdentekst en aanvullende links, en zie hier voor de precieze tekst en mogelijkheid tot ondertekening.)

Als ik zo'n actie zou willen beoordelen, zou ik eigenlijk eerst zelf het examen moeten doen in plaats van afgaan op een stukje in een krant. Dat zou kunnen, hier zijn alle tekst en opgaven te vinden.
Toch deel ik meteen al de geschetste bezwaren tegen opgave nummer 1:
' Welk van onderstaande middelen wordt in de inleiding van de tekst ‘Ik was, dus ik ben’ vooral gebruikt? 
A bij de actualiteit aansluiten 
B een grappige toonzetting hanteren 
C een onverwachte vergelijking maken 
D een prikkelende stelling poneren 
E het belang van het onderwerp benadrukken  '
Er is niet één helder antwoord dat de vier andere uitsluit. En of ik iets grappig vind of prikkelend, beslis ik graag zelf. Zo'n oordeel aanvaard ik nog wel van een recensent, maar niet van mijn regering. Er is inderdaad 'geen wetenschappelijke basis' voor. Hierin ben ik niet uniek. Om de journalist-van-dienst (Ianthe Sahadat) van de Volkskrant te citeren:
'Over het vwo-examen ontstond twee weken terug grote commotie omdat bij veel vragen meerdere antwoorden mogelijk bleken. Zowel leerlingen, leraren Nederlands als hoogleraren mengden zich in de discussie. Er waren zelfs vragen waarbij, met een beetje goede wil, elk antwoord te beargumenteren viel. Een kwart van alle leerlingen diende een klacht in bij het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (LAKS).'
Na enig bladeren door de examenvragen kan ik me dat voorstellen.

Nu kwam dat examen natuurlijk niet uit de lucht vallen. Ergens in Nederland moeten nu enkele mensen zich verbijten van ergernis of schaamte: de makers van het examen! Het College voor Examens vermeldt geen namen, maar het zullen waarschijnlijk collega's zijn van diezelfde docenten die de petitie ondertekenen, of van de hoogleraren die hun bezwaar hebben geuit.
Het wachten is op hun verdediging.

En dan is er natuurlijk nog een vraag: wie gaat het examen van volgend jaar maken? Zal dat dan wel eenduidige juiste antwoorden bevatten?
Is dat eigenlijk wel mogelijk?


donderdag 30 mei 2013

Literair en niet-literair

Een persbericht in de e-postbus:
'Uitgeverij Kluitman heeft [...] de rechten verworven van het opvallende debuut Bird van de Amerikaanse Crystal Chan. Het boek zal in januari 2014 verschijnen bij Simon & Schuster en kort daarop bij Kluitman gepubliceerd worden.

Bird zal worden opgenomen in een nieuwe 10+-lijn waar Kluitman dit najaar mee start. In deze nieuwe lijn – KLUITMAN KLASSE ­– zal de uitgeverij literaire boeken uitbrengen. Hoofdzaak hierbij is dat de boeken mooi geschreven zijn, tot nadenken aanzetten en toegankelijk blijven voor een brede doelgroep. Komend najaar zal in deze lijn ook de heruitgave verschijnen van Sharon Creech’ Achter de maan. Deze titel werd in de USA onderscheiden met de Newbury Gold Medal.

Het initiatief komt van Kluitman-uitgever Mariska Budding: "Er is sterker dan ooit behoefte aan mooie verhalen. Wij maken een smaakvolle selectie van literaire verhalen in onze nieuwe 10+-lijn. Daarbij houden wij in gedachten dat de boeken niet over de hoofden van de kinderen heen geschreven moeten zijn, precies zoals men van Kluitman gewend is." [...]'



Literair is dus: 'mooi geschreven' en tot nadenken stemmend, aldus dit persbericht.
Impliciet suggereert Kluitman hiermee dat alle andere uitgaven van Kluitman niet mooi geschreven zijn en niet tot nadenken stemmen. Dit ter beoordeling van de uitgever, uiteraard. De recensenten zullen volgen - of niet, want zo vaak worden boeken van Kluitman niet besproken, geloof ik.
Net als in het genre 'literaire thriller' (implicerend dat er ook niet-literaire thrillers zijn) is de vraag hier wat dat literair precies inhoudt. 'Mooi geschreven' is rijkelijk vaag en bovendien een oordeel, geen eigenschap. Tot nadenken kan vrijwel alles leiden.
De indruk kan ontstaan dat er twee soorten teksten zouden zijn: literair en niet-literair. Dat lijkt mij een misvatting.
Er is een groep teksten die we doorgaans literatuur noemen: verhalen, poëzie en theaterteksten. Zodra we gaan lezen, maken we onderscheid: wat bevalt ons het best, raakt ons het meest - en hoe denken we over de kansen dat ook anderen geraakt worden. Dat noemen we goede literatuur en als we ons recensent willen noemen achten we ons in staat om ons oordeel met overtuigende argumenten te staven. Wat ons verveelt of tegenstaat, dat is dan op zijn strengst mislukte literatuur. Aan ons om dat eveneens overtuigend te beargumenteren, desgevraagd. (Zo kan mislukte literatuur ook tot nadenken stemmen.)
Als we overtuigend genoeg zijn, kleeft ons iets aan dat je gezag zou kunnen noemen.

De beste opstellen over literatuur zijn soms evenzeer de moeite van het lezen waard als de literatuur waarover ze gaan.

Als we die opstellen literatuur noemen, omdat ze mooi geschreven zijn en tot nadenken stemmen, zijn we terug bij de definitie van Kluitman.

Ik ben benieuwd hoe de recensenten gaan oordelen over Kluitman's Klasse. Misschien doe ik er zelf ook eens aan mee.

Zie hier en hier meer over de auteur Crystal Chan. Verwar haar niet met de grafisch kunstenaar met dezelfde naam.

woensdag 29 mei 2013

Guantánamo Bay in de polder

Beter had ik het niet kunnen zeggen:

'Kent u dat, die latente vrees dat het detectiepoortje bij het verlaten van het warenhuis begint te loeien en te knipperen? Misschien is het mijn neurotische aanleg, maar ik ervaar altijd iets van opluchting wanneer ik een winkelpand weet te verlaten zonder dat zo'n apparaat aanslaat. Die dingen hebben namelijk nogal eens de neiging vals alarm te slaan. Het vooruitzicht dat een klerenkast mij met onderkoelde beleefdheid terug naar binnen gebaart (waarbij de dievenpoort een tweede loeisessie inzet), mij verzoekt opzij te stappen om vervolgens met zijn kolenschoppen de inhoud van mijn draagtas om te ploegen; reden genoeg om dergelijke versterkte koopvestingen te mijden als de pest. Datzelfde geldt overigens voor vliegvelden. Het opdrijven van de mensenkudde bij de "security check", het vooruitzicht gedetecteerd en gefouilleerd te worden; voor mij voldoende aanleiding de reisplannen te heroverwegen.

In zulke situaties verandert men op slag van toerist in potentiële terrorist, van koning klant in potentiële paria. Met deze overgang betreedt de reis- of kooplustige een onbestemde zone waarin zijn status ter discussie staat. Zodra beveiligers u vragen een stapje opzij te doen, stapt u feitelijk een niemandsland binnen, een non-plaats waar vastgesteld wordt of u gewenst dan wel ongewenst bent. Uw identiteit wordt er als het ware even kaltgestellt. De meesten van ons verblijven er niet lang, hooguit een minuut. Anderen daarentegen zitten soms jarenlang in een dergelijke tussenwereld gevangen.

We noemen ze asielzoeker, vreemdeling, illegaal of illegal combatant. We verbergen ze bij voorkeur in de buurt van vliegvelden of op een uithoek van een eiland. We geven deze obscure non-plaatsen namen als Detentiecentrum Rotterdam of Guantánamo Bay. "Laat varen alle hoop, gij die hier binnentreedt", staat er in onzichtbare letters boven de toegangspoorten geschreven.

Voor mensen die hier verblijven, geldt de uitzonderingstoestand. Ze belanden in een vacuüm waar de gewone regels niet meer gelden of slechts papieren waarde hebben. Dat krijg je ervan wanneer je in plaats van een welbepaalde handeling, een mens "een illegaal" noemt. Van een aldus als onwettig weggezette persoon blijft weinig meer over dan een hoopje afval dat opgeruimd moet worden.

Maar niemand wil die rotzooi hebben, en zo zitten onze bezemkasten vol met onzichtbaren die nergens meer naartoe kunnen. Ongewenst en onuitzetbaar verslijten de onaanraakbaren van het Westen hun dagen in anonieme verveling. Deze ontmenselijking heeft voorspelbare gevolgen: men gaat dergelijke figuren inhumaan behandelen - intimidatie, vernedering en mishandeling worden dagelijkse kost. Soms komen de paria's hiertegen in opstand en gaan, of het nu op Cuba is of in Rotterdam, in honger- en dorststaking. Alsof ze zeggen: jullie willen dat wij verdwijnen? Goed, dan doen we het zelf wel.

De "War on Terror" creëert zijn eigen terrorisme en de oorlog tegen de illegaal zijn eigen illegaliteit. Nederland wordt bovendien al een decennium gegeseld en gegijzeld door de Wilderiaanse anti-vreemdelingenretoriek. Zijn woordenbombast heeft de angst voor de Ander opgestuwd en het verlangen naar veiligheid verhysteriseerd. Het geïnstitutionaliseerde resultaat hiervan is het ministerie van Veiligheid en Justitie. Een rechtsstatelijke miskraam uit de kraamkamer van Rutte I die veiligheid boven recht stelt. PVV-zetbazen Opstelten en Teeven mochten onder Rutte II op hun law-and-order-winkeltje blijven passen.

Het opsluiten van vreemdelingen is op zichzelf al een perverse en contraproductieve praktijk, maar uiteindelijk bepaalt het discours tot hoever de dehumanisering reikt. Dat discours is in Nederland vergaand vergiftigd en biedt een gunstig klimaat voor Guantánamo-perikelen in de polder. Resultaat: een door het systeem opgeruimde activist als Aleksander Dolmatov, een mishandelde vreemdeling als Cheikh Bah en onlangs een doodzieke, naar Italië uitgezette hongerstaker als Bast Salhi. (Italië? Hadden verschillende rechtbanken in Europa niet verboden om asielzoekers daarnaartoe te sturen wegens systematisch schending van hun rechten?)

Misschien moeten we eens beginnen met een verandering van taalspel: de illegaal wordt een gast, het detentiecentrum een tijdelijk gastenverblijf en de bewaarder voor mijn part een hostess.

Maar voor het zover is: mocht u binnenkort op Schiphol gevraagd worden een stap opzij te zetten, stelt u zich dan eens voor dat die stap een eeuwigheid duurt. Het begint immers allemaal met empathie, zo'n typisch menselijke maat die bij de onuitzetbare Teeven niet in veilige handen is.'

Waarvan akte.
Wat me aantrok is natuurlijk ook het taalspel.


zaterdag 25 mei 2013

Schrijven waarvan je gelukkig wordt

Veel lezers onder ons hebben geen weet van kinderboeken.
Desgevraagd komen vage herinneringen boven aan ooit gelezen werkjes, ach ja, dat was toen... Velen weten niet dat de beste kinderboeken zich kunnen meten met de beste boeken voor volwassenen. Ja, er verschijnt ook veel middelmatigs en minder - net als voor volwassenen.
Nee, nu even niets over wat precies een goed boek is. Dat weten we eigenlijk wel.

Het aantal mensen dat zich verdiept in jeugdliteratuur is klein, zeker vergeleken met de hordes die zich bezig houden met literatuur voor volwassenen. In onze taalstreek is het zo klein dat bijna iedereen iedereen kent - ik overdrijf maar een beetje.
Zo'n gelegenheid als de Annie M.G. Schmidtlezing, die op woensdag 22 mei jl. in de Lokhorstkerk te Leiden plaatsvond, toont dat goed. Veel gegroet, gezoen, gezwaai, er is de warme sfeer van een reünie, zeker tijdens de borrel na de lezing. 'Háállo, hoe gaat het met jou?!' Beetje netwerken hoort er ook bij. Gezien en gezien worden. Maar veel aanwezigen vinden het echt prettig om die anderen te ontmoeten, dat merk je.

Niet verwonderlijk dat men in die sfeer wel eens klaagt over gebrek aan aandacht voor jeugdliteratuur. Anderzijds heeft het ook iets knus, een overzichtelijk eiland, een Bibelebonts bergje naast de Olympus. Auteur Sjoerd Kuyper heeft er in zijn lezing (2009) hard de spot mee gedreven. 'Wie zich klein voelt, gaat zich klein gedragen,' zei spreker Ted van Lieshout deze keer.
Beide auteurs, maar zij niet alleen in deze reeks lezingen, hielden een gepassioneerd betoog voor de erkenning van het beste dat de jeugdliteratuur te bieden heeft - dat zich, zoals ik al schreef, kan meten met de beste literatuur in het algemeen.

Die lezingen zijn terug te vinden in diverse afleveringen van Literatuur zonder leeftijd, een tijdschrift in pocketvorm dat, ironisch gezien de titel, gaat over jeugdliteratuur. Die titel is natuurlijk niet zomaar gekozen. ook hieruit spreekt het verlangen naar erkenning in de wereld van de literatuur in het algemeen. Er is in dit blog al meer over geschreven, zie bv. hier en hier en zoek evt. op LZL.
De lezing die Ted van Lieshout op 22 mei jl. hield, komt in Literatuur zonder leeftijd zomer 2013. Er stond een camera. Zodra ik merk dat de lezing ergens op internet te zien zal zijn, zal ik dat melden.

Beste lezer, als je er niet bij was, die woensdagavond, zou ik willen dat je de moeite nam om dat vertoog te lezen. Al mis je daarbij de karakteristieke stem, poses en terzijdes van de auteur en mag ik alleen maar hopen dat de redactie de lichtbeelden erbij afdrukt. Helaas zal dat niet in kleur zijn, neem ik aan.



Het was een interessant vertoog omdat de auteur speelde met zijn aanwezigheid in zijn werk. De aanwezigheid van de auteur in zijn of haar werk is een onderwerp van veel studies en ook ik heb er eind 2012 een verhandeling aan besteed  (zie hier). Ted van Lieshout is naast auteur ook illustrator en grafisch vormgever en iemand die zich tot in details bemoeit met het uiterlijk van zijn boeken, dus ook wat er op het omslag staat. Hij wist ons op een luchtige en persoonlijke manier te tonen welke overwegingen en nuances er schuil gaan achter het gebruik van foto's van hemzelf en anderen.

En aan het eind van zijn vertoog nam hij een onverwachte wending. Hij refereerde aan het vertoog dat Sjoerd Kuyper in 2009 had gehouden. Eigenlijk had hij ook zo'n soort lezing willen houden, maar dat was dus al gedaan - en, aldus Ted, 'het is alleen maar erger geworden'. Waarop een hartstochtelijk pleidooi volgde voor het beste dat de jeugdliteratuur te bieden heeft en voor het volgen van je eigen hart bij het maken van kunst in woord en beeld voor kinderen. 'Ik maak de boeken waarvan ik gelukkig word', en dat is de enige juiste manier om kunst te maken. Dat laatste zei hij niet eens zo stellig, dus die veralgemening neem ik voor mijn rekening.

Het was een lezing waarvan ik blij werd. Een waardige laatste Annie M.G. Schmidtlezing.

Hoewel, laatste... Ik begreep dat er pogingen worden ondernomen om dit onderdeel van de Leidse Annie M.G. Schmidtleerstoel (die houdt echt op) te laten voortbestaan. Dat lijkt mij een heel goed idee.

Zie hier het lijstje lezingen tot nu toe.

NB d.d. 30-5-2013. De hele lezing staat in delen op Ted's blog!
PS d.d. 05-08-2014. Ik vond onlangs een goede samenvatting van de reacties op die fameuze lezing van Sjoerd Kuyper in 2009 op de website van Joukje Akveld. Zie hier.



vrijdag 24 mei 2013

Wie kleedt wie uit? Over naakte burgers

'"Na drie jaar is de minister geen stap verder gekomen in de aanpak van de zorgfraude", aldus Reinette Klever van de PVV.  
"Dat is onvoorstelbaar. Ze heeft de omvang van de fraude volkomen onderschat." Klever betichtte Schippers van 'gladde praatjes' in het debat.
"In plaats van gaten te dichten worden burgers uitgekleed, terwijl ondertussen steeds meer mensen de gaten in het systeem weten te vinden. Wie steelt moet betalen", zo stelde Klever al eerder in het debat.'

Nu.nl, commentaar PVVer op Edith Schippers, 23 mei.

Wie kleedt wie uit? Zijn burgers geen mensen? Zijn artsen, bestuurders en verpleegkundigen geen burgers?